Gianni Infantino verliest steun van geboorteland: ook Zwitserse bond laat FIFA-voorzitter vallen
In dit artikel:
Gianni Infantino ligt zwaar onder vuur als voorzitter van de FIFA nadat zijn plan om een belang van 20 procent in de commerciële rechten en organisatie van WK’s aan privé-investeerders te verkopen uitlekte. Het zogenoemde FIFA Forward Enterprise-project, waarvoor een Amerikaans investeringsfonds 4,2 miljard dollar zou betalen, werd zonder brede voorafgaande consultatie gelanceerd. Na massaal protest van voetbalbonden en confederaties trok de FIFA het voorstel uiteindelijk in.
Vooral UEFA, Concacaf en de Aziatische confederatie AFC beschuldigden Infantino van gebrekkige transparantie, slechte besluitvorming en een bestuur dat te veel rond één persoon draait. De UEFA dreigde samen met haar 55 leden met een boycot van FIFA-competities, maar liet die dreiging voorlopig vallen nadat de FIFA bevestigde dat het project definitief van tafel is en er garanties zouden komen tegen vergelijkbare plannen. De vertrouwensbreuk met Infantino blijft volgens de Europese bond wel bestaan. Er zouden bovendien juridische stappen wegens mogelijk crimineel wanbeheer worden voorbereid.
De kritiek leidde tot een groeiende reeks steunintrekkingen. Onder meer België, Nederland, Frankrijk, Italië, Engeland, Wales, Schotland, Ierland, Finland, Servië, Noorwegen en Zwitserland willen Infantino niet langer steunen bij de voorzittersverkiezingen van maart 2027. De Zwitser is voorlopig de enige kandidaat; de kandidaturen kunnen tot 18 november worden ingediend. UEFA-voorzitter Aleksander Ceferin, een van zijn felste critici, heeft gezegd dat hij zelf niet beschikbaar is. De KNVB pleit naast nieuw leiderschap voor een structurele hervorming en wil daarover een internationale top in Amsterdam organiseren.
Ook binnen de FIFA verloor Infantino steun. Operationeel directeur Kevin Lamour, die kritiek had geuit op het investeringsplan, vertrok. FIFA-vicevoorzitter Sándor Csányi trok daarop eveneens zijn steun in. De Belgische bond noemt daarnaast de gebrekkige uitleg over de rode kaart van de Amerikaanse aanvaller Folarin Balogun tijdens het WK, in een wedstrijd tegen België, als reden om Infantino niet te steunen. Meldingen over andere controverses, waaronder een vermeende belangenkwestie uit zijn UEFA-periode, worden door Infantino en de FIFA ontkend.
Infantino probeert de crisis te bezweren met voorstellen voor een onafhankelijk onderzoek naar het bestuurskader en een tijdelijk overlegorgaan. Ook onderzoekt hij of de FIFA meer geld uit haar reserves kan uitkeren aan de 211 nationale bonden. UEFA en Concacaf vragen minstens 10 miljoen dollar per bond, samen ongeveer 2,1 miljard dollar, zonder dat de reserves volgens hen onder 1,5 miljard dollar zouden zakken. Infantino zegt de hoogst verantwoorde herverdeling te steunen, maar koppelt die aan financiële en statutaire toetsing.
De machtsstrijd is nog niet beslist. CAF, de Afrikaanse confederatie, en CONMEBOL steunen Infantino voorlopig, net als onder meer Saudi-Arabië en Marokko. Ook Donald Trump sprak zijn steun uit. Critici uit de voetbalwereld, waaronder Luis Figo, oud-spelers en enkele nationale bonden, eisen juist zijn vertrek. Infantino blijft zelf kandidaat en zegt dat het crisisoverleg in Marokko het vertrouwen in zijn leiderschap heeft versterkt.
Vandaag Inside: Johan Derksen stoort zich aan politicus: ‘Praatjesmaker en een luchtfietser!’