GGD: 60 inzittenden KLM-vlucht in beeld voor bron- en contactonderzoek hantavirus
In dit artikel:
GGD Kennemerland voert bron- en contactonderzoek uit naar een mogelijke hantavirusbesmetting waarvan een passagier op een KLM-vlucht het slachtoffer werd. Doel is te achterhalen met wie zij tijdens de besmettelijke periode contact had, zodat verdere verspreiding kan worden tegengegaan.
Volgens de GGD hadden minder dan tien medepassagiers intensief contact met de vrouw; dat zijn vooral personen die haar hebben geholpen en zij worden actief gevolgd. Om 16.00 uur zou het RIVM duidelijkheid geven over de te nemen maatregelen. Ongeveer vijftig andere inzittenden zaten in dezelfde rij of in de twee rijen ervoor of erachter: zij vallen onder passieve monitoring en moeten hun temperatuur dagelijks controleren; ook zij krijgen nadere instructies van het RIVM.
Gisteravond is een KLM-stewardess die contact met de vrouw had, met milde klachten opgenomen in het Amsterdam UMC nadat ambulancepersoneel haar thuis in Haarlem had opgehaald. Er is een test afgenomen om te bepalen of zij daadwerkelijk het hantavirus heeft.
Internationaal zegt de Wereldgezondheidsorganisatie dat overdracht tussen mensen mogelijk maar zeldzaam is en doorgaans beperkt tot nauw en langdurig contact. Het RIVM meldt dat de incubatietijd variabel is — van enkele dagen tot zestig dagen, meestal twee tot vier weken.
De 69-jarige passagier werd op 25 april van boord gezet wegens haar slechte toestand en overleed de volgende dag in een ziekenhuis in Johannesburg; zij had ongeveer 45 minuten in het toestel gezeten. De WHO heeft tot nu toe het virus bevestigd bij vijf personen (drie overleden, waaronder twee Nederlanders) en meldt drie verdachte gevallen; de mogelijke besmetting van de KLM-stewardess is nog niet in die cijfers opgenomen. WHO-hoofd Tedros Adhanom Ghebreyesus gaf een persconferentie om 15.00 uur.
In Nederland zijn drie patiënten opgenomen in respectievelijk het LUMC, het Radboudumc en het Amsterdam UMC; bij geen van hen is het hantavirus formeel vastgesteld. Ter context: hantavirussen worden doorgaans via knaagdieren overgedragen; mens-op-mensbesmetting komt alleen bij bepaalde typen voor en is relatief zeldzaam, reden waarom bron‑ en contactonderzoek nu plaatsvindt.