Gevlucht voor oorlog, maar niet veilig in Zuid-Egypte: 'Ik was liever in Soedan gestorven'
In dit artikel:
In Aswan en Caïro leven duizenden Soedanese vluchtelingen onder erbarmelijke en onzekere omstandigheden, ver van de frontlinies van de bijna drie jaar durende oorlog in Soedan. NRC sprak met 21 vluchtelingen in het zuiden van Egypte; hun getuigenissen weerspiegelen rapporten van Amnesty, Human Rights Watch, Save the Children, RPE en EIPR: ze zijn ontsnapt aan oorlogsgeweld, maar vinden in Egypte weinig veiligheid of bescherming.
Wie en waar: veel vluchtelingen zijn jonge mensen en gezinnen die twee jaar geleden of later arriveerden; UNHCR registreerde ongeveer 17.000 Soedanese vluchtelingen in Aswan en meer dan 800.000 in Groot-Caïro. De meesten kwamen het land via smokkelroutes binnen; opvangkampen bestaan niet, waardoor velen in onafgewerkte woningen of bij buren en in krotten wonen.
Wat ervaren ze: structurele discriminatie, straatgeweld en seksuele intimidatie komen veelvuldig voor. Getuigen beschrijven aanvallen door bendes, beledigingen waarin Soedanezen als “abd” (slaaf) worden aangeduid, pogingen tot aanranding door werkgevers en ongeadresseerd seksueel misbruik van kinderen. Politie en autoriteiten bieden weinig bescherming; aangiftes leiden zelden tot onderzoek.
Juridische positie en toegang tot diensten: registratie loopt sterk achter — naar schatting wachten rond 200.000 mensen op UNHCR-registratie — waardoor velen geen rechtsgeldige status hebben. De zogenaamde gele kaart, die identificatie biedt en nodig is om een verblijfsvergunning aan te vragen, fungegeert niet als werkvergunning en biedt weinig zekerheid: afspraken voor vergunningen zijn soms uitgesteld tot 2028, kaarten verlopen en zijn geen garantie tegen arrestatie of uitzetting. Gevolg is dat veel Soedanezen illegaal en tegen lage lonen werken, en dat onderwijs en zorg onbetaalbaar worden na afnemende hulp.
Beleid, repressie en uitzettingen: rapporten wijzen op een toename van arrestaties en gedwongen terugkeer; onderzoekers schatten dat alleen al in 2024 meer dan twintigduizend vluchtelingen naar Soedan werden teruggestuurd. De nieuwe Egyptische asielwet legt registratierol bij de staat, criminaliseert het verlenen van onderdak of werk zonder voorafgaande melding en slaat belangrijke waarborgen zoals het expliciet verankeren van non-refoulement (het verbod op terugsturen naar gevaar) niet duidelijk op papier. Hulporganisaties melden dat ze onder zware druk van de overheid staan en dat fondsen voor UNHCR zijn gekrompen, wat de capaciteit om te beschermen vermindert.
Internationale dimensie: de EU versterkte vanaf 2024 de samenwerking met Egypte via een miljardenregeling om irreguliere migratie te bestrijden. Critici — onder wie Europese politici en mensenrechtenorganisaties — zeggen dat die deals te weinig waarborgen voor mensenrechten bevatten en de repressie tegen vluchtelingen en hulpverleners feitelijk versterken. Een uitgelekt Europees document erkent risico’s zoals criminalisering van hulp en steun aan betrokkenen met slechte mensenrechtengeschiedenis. Tegelijk nam het aantal Soedanezen dat naar Europa komt recent toe, ondanks strenger migratiebeheer.
Waarom het ertoe doet: Soedanese vluchtelingen in Egypte blijven kwetsbaar door een samenloop van discriminatie, beperkte juridische bescherming, afnemende humanitaire financiering en beleidskeuzes die veiligheid ondermijnen. Veel vluchtelingen zeggen niet terug te zullen keren naar Soedan uit angst voor dezelfde oorlog, hongersnood en ziektes. Voor velen is de zogenaamd “vrijwillige” terugkeer onder de huidige omstandigheden geen echte keuze, maar het gevolg van toenemende druk en ontoereikende alternatieven in gastlanden.