Geteld! Eén nieuwe, oude, nog nooit gevonden schelp
In dit artikel:
Op 19 maart vond Amelandse strandvinder Jeannette Nobel bij paal 15 (Buren) een uitzonderlijke, gefossiliseerde platschelp. Twee dagen te vroeg voor de landelijke Schelpenteldag fotografeerde ze het exemplaar, dat ze naar een bekende deskundige en haar schelpengroep appte; de reactie was meteen dat het om iets heel bijzonders ging. Omdat de schelp kwetsbaar was, legde ze hem voorzichtig in een doosje met watten.
Het bleek geen recent levend exemplaar uit de Noordzee, maar een meer dan 100.000 jaar oud fossiel, hard en blauwgrijs verkleurd door fossilisatie. Ondanks een klein stukje afgebroken onderrand is de typologische vorm goed bewaard: een zeer platte platschelp (familie Tellinidae) met een karakteristieke inkeping aan de binnenrand. Omdat DNA-onderzoek niet toepasbaar is bij zulke oude materialen, werd de identificatie gedaan met hulp van fossielenexperts en literatuur; in de bekende Fossielenatlas (2010) vond het exemplaar geen match. Op basis van morfologie zijn deskundigen nu voor circa 98% zeker dat het gaat om Bosemprella incarnata (oorspronkelijk door Linnaeus beschreven als Tellina incarnata), een soort die tegenwoordig voorkomt van Ierland en Bretagne tot West-Afrika en in de Middellandse Zee maar nog nooit eerder op Nederlandse stranden is aangetroffen.
De vondst is zowel lokaal bijzonder als paleontologisch betekenisvol. De schelp stamt waarschijnlijk uit het Eemien, een warme interglaciale fase van circa 125.000 jaar geleden toen de zeespiegel en temperaturen flink hoger lagen en de zogenaamde Eemzee tot voorbij Amersfoort reikte. Tijdens de daaropvolgende ijstijd verdwenen veel van die warmteminnende soorten uit het huidige Nederlandse kustgebied. Met hedendaagse opwarming keren echter al meerdere Eemien-achtigen geleidelijk terug naar de Noordzeeregio, en deze Amelandse vondst illustreert dat proces: een soort die lange tijd afwezig was, komt als fossiel weer aan het strand. Frank Wesselingh, weekdierpaleontoloog bij Naturalis en de Universiteit Maastricht, noemt de vondst een mooie aanwijzing dat klimaatverandering niet alleen negatieve effecten heeft, maar ook tot nieuwe en kleurrijke soortenarrangementen kan leiden; volgens hem verdient het exemplaar een speciale plaats in de fossielenatlas.
Context uit het veld: op de Schelpenteldag twee dagen later werden op Ameland wél drie exemplaren van de levende Geplooide zonneschelp (Gari fervensis) geteld — een soort die tegenwoordig vaker aanspoelt — maar Jeannette’s schelp is duidelijk anders en fossiel. Naturalis, met een van de grootste natuurhistorische collecties, heeft geen vergelijkbaar exemplaar in de collectietoren, waardoor de vondst nationaal uniek is. Voor de preciezere taxonomische bevestiging blijven experts nog voorzichtig, maar de consensus wijst sterk naar Bosemprella incarnata.
Praktische noten: de vondst werd gemeld door Rykel de Bruyne (Stichting ANEMOON) en deskundigen van Naturalis en Universiteit Maastricht ondersteunden de beoordeling. Beeldmateriaal en afmetingen zijn vastgelegd, en de eigenaar heeft de schelp veilig bewaard om verdere studie mogelijk te maken. De ontdekking laat zien dat gewone strandwandelingen onverwachte wetenschappelijke waarde kunnen opleveren en draagt bij aan begrip van hoe vroegere warme periodes en huidige klimaatverandering de soortenrijkdom aan de Nederlandse kust beïnvloeden.