Georgi Demidovs goelag-literatuur is relevanter dan ooit

woensdag, 29 april 2026 (12:15) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

De Russische schrijver en natuurkundig ingenieur Georgi Demidov (Sint-Petersburg 1908–1987) krijgt na decennia van vergetelheid eindelijk brede erkenning: zijn omvangrijke goelag‑oeuvre is deels teruggevonden en wordt nu opnieuw uitgegeven, juist op een moment dat Moskou probeert de herinnering aan Stalinistische terreur uit te wissen. Demidovs literaire en getuigeniswerk, dat plaats krijgt naast namen als Varlam Sjalamov en Aleksandr Solzjenitsyn, is recent in zes bundels door de inmiddels verboden mensenrechtenorganisatie Memorial beschikbaar gemaakt. In Nederland verschenen onlangs een vertaling van Fone kvas (vert. Froukje Slofstra, uitgeverij Tristan) en draait Sergei Loznitsa’s film Two Prosecutors, gebaseerd op een van Demidovs novellen.

Demidov kreeg in de jaren dertig het brute gezicht van het sovjetsysteem te zien. Als wetenschapper in Charkiv werd hij in 1938 door de NKVD opgepakt — in eerste instantie overtuigd dat het om een misverstand ging — en veroordeeld voor contrarevolutionaire propaganda. Hij belandde in de “Speciale Kampen” van Kolyma in het noordoosten van Siberië, waar extreme ontbering en dodelijke dwangarbeid in de mijnen aan de orde van de dag waren. Zijn romans en novellen — vaak gesitueerd rond 1937, het hoogtepunt van de Grote Terreur — schetsen hoe oprechte juristen, ingenieurs en andere intellectuelen in een systeem dat zich tegen hen keert, zélf blijven zoeken naar rechtschapenheid en daardoor vaak ten onder gaan.

Demidov overleefde meer dan tien jaar in Kolyma en gebruikte zijn technische bagage om praktisch nut te vinden: reparatie van gloeilampen, de bouw van een röntgenapparaat in het kamphospitaal en andere ingenieuze oplossingen die hem tijdelijk relevant maakten voor kampautoriteiten maar geen bescherming opleverden. In de kampen ontmoette hij collega‑auteur Sjalamov; die verwerkte Demidovs lot in zijn eigen proza. Na vrijlating en volledige rehabilitatie in 1958 probeerde Demidov een normaal leven op te bouwen, werkte als constructeur — onder meer aan een systeem om verkeerslichten te synchroniseren — en wijdde hij zijn avonden en weekenden aan schrijven en het vastleggen van getuigenissen. Zijn dochter Valentina bewaakte zijn nalatenschap en zou later bepalend zijn voor het behoud van zijn werk.

Het systeem sloeg echter nog eens toe: in 1980 kwamen KGB‑agenten zijn manuscripten en typemachines in beslag; lichamelijke beschadiging van zijn handen maakte verder schrijven onmogelijk. Demidov stierf in 1987 diep teleurgesteld, overtuigd dat zijn teksten voorgoed verdwenen waren. Tijdens de perestrojka wist zijn dochter stukken uit de KGB‑archieven te redden; sindsdien is zijn werk geleidelijk herontdekt en opnieuw uitgegeven.

De heropleving van Demidovs oeuvre wordt in de huidige politieke context van cruciaal belang geacht. Met Rusland opnieuw in een periode van autoritaire druk en buitenlandse agressie wijzen critici zoals Dmitri Bykov erop dat Demidovs methodische, gewetensvolle manier van observeren en documenteren — geen retorische veroordeling maar minutieuze analyse van hoe repressie werkt — noodzakelijk blijft om niet te vergeten en te begrijpen wat er gebeurt. Demidovs verhalen bieden daarmee niet alleen historische getuigenissen over Kolyma en de Grote Terreur, maar ook een scherp instrument om hedendaagse mechanismen van politieke onderdrukking te ontleden.