'Gemeente Amsterdam schopt haar gasten in het kruis': hotelvoorman Remco Groenhuijzen over de nieuwe verhoging van de toeristenbelasting
In dit artikel:
Remco Groenhuijzen, net teruggetreden voorzitter van Luxury Hotels of Amsterdam (25 vier- en vijfsterrenhotels), reageert verbolgen op het besluit van het nieuwe PRO-geleide stadsbestuur om de toeristenbelasting met circa 60 procent te verhogen. De aankondiging kwam vlak nadat hij na tien jaar afscheid nam van het belangenplatform; hij zegt daarmee geconfronteerd te zijn met gebroken beloften en ziet overleg met de gemeente als zinloos geworden.
De maatregel betekent dat de toeristenbelasting stijgt van 12,5 procent van de kamerprijs naar uiteindelijk 20 procent in 2030. Groenhuijzen noemt het beleid contra-intuïtief: eerdere verhogingen verminderden de drukte niet en leverden juist meer bezoekers op. Hij betwijfelt ook de transparantie over waar de opbrengsten naartoe gaan, wijzend op de grote schulden van de stad en het ontbreken van zichtbare verbeteringen in netheid en handhaving.
Groenhuijzen waarschuwt voor economische gevolgen: hotels zullen kamerprijzen verhogen en mogelijk minder nachten boeken, terwijl restaurants, musea en overige diensten die van bezoekers afhankelijk zijn, omzetverlies kunnen lijden. Bij de 25 leden van Luxury Hotels werken ongeveer 4.500 mensen; in totaal telt de hotellensector in Amsterdam circa 12.000 banen en zijn naar schatting 70.000 Amsterdammers indirect afhankelijk van de bezoekerseconomie. Hij benadrukt dat veel werknemers mbo’ers en statushouders zijn en dat hogere lasten in combinatie met recente kostenstijgingen (btw-verhoging, minimumloon, inflatie) hotels financieel onder druk zetten.
Verder signaleert Groenhuijzen dat juist kwaliteitsbezoekers — zakenreizigers en congresgangers, die per verblijf substantieel meer uitgeven — worden weggejaagd. Zakenovernachtingen daalden van 32 procent in 2019 naar 16 procent nu, en Amsterdam zakte in congresranking (van plek 7 naar 17). Hij pleit voor gedifferentieerde heffingen (congressen uitsluiten, zoals in sommige andere Europese steden), betere regulering van vakantieverhuur en strengere handhaving van winkels en coffeeshops, in plaats van een algemene prijsverhoging.
Ook wijst hij op ongelijkheid met de regio: rond Amsterdam zijn veel meer hotelkamers bij een lagere toeristenbelasting, waardoor dagbezoek en pendeltoerisme toenemen zonder bijdrage aan de stad. Hij noemt maatregelen die volgens hem effectiever zouden zijn — zoals regels voor Airbnb, attractieheffingen en gerichte handhaving op de Wallen — en stelt dat het huidige beleid de verkeerde partijen treft.
Groenhuijzen overweegt juridische stappen en bestempelt de besluitvorming als slecht bestuur. Zijn conclusie: de belastingverhoging pakt niet uit zoals de gemeente verwacht, schaadt de bezoekerseconomie en zet veel banen en stedelijke voorzieningen op het spel.