Geen vogelgriep? Dan heb je als kippenboer een topjaar
In dit artikel:
Onderzoeksinstituut Wageningen Social & Economic Research (WSER) publiceerde maandag een voorlopige raming van de bedrijfsinkomens van Nederlandse boeren en tuinders over 2025. Gemiddeld komt het bruto-inkomen per onbetaalde arbeidsjaareenheid (de ondernemer plus meewerkende gezinsleden) uit op ongeveer €129.000 — zo’n €11.000 meer dan in 2024 en circa €30.000 boven het vijfjarengemiddelde. Tegelijkertijd blijven de verschillen tussen sectoren en individuele bedrijven zeer groot: één op de vijf ondernemers verdient minder dan €3.000 via het bedrijf.
Agrarisch bedrijfseconoom Harold van der Meulen wijst op blijvende beleidsonzekerheid als de grootste zorg voor ondernemers: “Als je de middelen hebt om te investeren, weet je niet waarin je dat moet doen.” Daarnaast was 2025 volgens hem een bewogen jaar door vogelgriep in de pluimveesector, een hoge Chinese importheffing op varkensvlees die prijzen onder druk zette, en stijgende energie- en productiekosten voor de glastuinbouw.
Sectorspreiding:
- Pluimvee staat aan kop: legkippenhouders behalen met gemiddeld €576.000 een uitstekend resultaat (2024: €341.000). Vleeskuikenbedrijven stijgen van €327.000 naar €461.000.
- Melkveehouders noteren ook een goed jaar: gemiddeld €120.000 (plus €46.000). Hogere opbrengsten uit kalver- en slachtvee spelen mee, maar kosten voor afvoer van mest nemen toe doordat minder mest op eigen land mag worden uitgereden (afbouw van derogatie). Biologische melkveehouders zitten lager met gemiddeld €90.000, maar dat is wel het hoogste niveau deze eeuw voor die groep.
- Varkenshouders zien hun inkomens significant teruglopen door lagere biggen- en varkensvleesprijzen. Vleesvarkensbedrijven halen nog rond €26.000 (2024: €85.000); zeugenhouders dalen licht van €397.000 naar €368.000.
- Akkerbouwers worden geraakt door lagere marktprijzen na goede oogsten in Nederland en omringende landen; hun inkomen wordt voor 2025 op circa €60.000 geraamd (2024: €84.000). Consumptieaardappelen staan onder druk doordat grote voorraden afnemers weinig betalen voor vrije partijen, met deels inzet als veevoer.
- Bloembollentelers profiteren van hogere productie en prijzen en zien hun inkomen stijgen. In de glastuinbouw drukken stijgende energie- en productiekosten het resultaat omlaag.
Kort samengevat: het gemiddelde bedrijfsinkomen van boeren en tuinders stijgt in 2025, maar deze verbetering is ongelijk verdeeld over sectoren. Marktfactoren (prijzen, vraag), ziekte-uitbraken en beleidsmaatregelen bepalen sterk wie profiteert en wie achterblijft.