Geen ReArm Europe en antifa verbieden: de twee meest onthullende moties van 2025
In dit artikel:
Tijs van den Brink, recent CDA-Tweede Kamerlid en ex-journalist, benadrukt dat de volksvertegenwoordiging het hoogste orgaan is, maar constateert tegelijk dat één van de weinige directe machtsmiddelen van individuele Kamerleden — de motie — ondergraven wordt door de Kamer zelf. Moties zouden krachtig en dwingend moeten zijn, maar raken hun effect doordat er extreem veel van worden ingediend en Kamerleden er publiekelijk op afgeven. In 2025 werden 4.440 moties ingediend; dat is veel, zij het minder dan het record van 5.010 in 2022. CDA-leider Henri Bontenbal probeerde het aantal moties te limiteren (voorstel: 150 per fractie plus één per Kamerlid), maar zijn plan haalde het niet.
Moties blijken ook politieke koorddansen: ze kunnen onverwacht interne verhoudingen en politieke verschuivingen blootleggen. De motie-Eerdmans (maart) vroeg dat het kabinet niet zou meedoen aan het Europese herbewapeningsplan ReArm Europe; opvallend stemden PVV, NSC en BBB voor, terwijl alleen de VVD tegenstemde — een teken dat het kabinet weinig intern mandaat had. Drie maanden later viel kabinet-Schoof.
Het meest onthullend was volgens de auteur de motie-De Vos (FVD) in september, die ‘antifa’ bestempelde als terroristische organisatie, terwijl ‘antifa’ geen concrete organisatie is maar een parapluterm voor links activisme. De VVD stemde voor; dat laat zien hoe de partij zich publiekelijk aan uiterst-rechtse stellingnames verbond. VVD-leider Dilan Yesilgöz bagatelliseerde later haar steun, maar de auteur betwijfelt echte spijt.
De motie illustreert tegelijk de comeback van FVD: leiderschap wisselde van Thierry Baudet naar Lidewij de Vos, de partij won in oktober zeven zetels en voelt zich weer thuis in Den Haag. FVD-Kamerleden merken dat hun bijdragen serieuzer genomen worden en moties vaker succes hebben — reden waarom de motie-De Vos wordt gezien als de belangrijkste motie van 2025.