'Geen hogere kans op auto-immuunziekte bij siliconen implantaat na borstkanker'

dinsdag, 21 april 2026 (17:02) - NOS Nieuws

In dit artikel:

Een Nederlands cohortonderzoek onder ruim 12.000 vrouwen toont dat borstreconstructies met siliconenimplantaten na borstkanker niet gepaard gaan met een hoger risico op auto‑immuunziekten of reumatische aandoeningen. Het onderzoek, geleid door het Antoni van Leeuwenhoek en uitgevoerd met gegevens uit zes Nederlandse ziekenhuizen, is recent gepubliceerd in het Journal of the National Cancer Institute.

De onderzoekers vergeleken twee groepen: vrouwen die na een borstamputatie een reconstructie met siliconenimplantaat kregen en vrouwen die voor borstkanker werden behandeld maar geen implantaat kregen. Dankzij koppeling van DBC‑gegevens (de financiële behandelcodes van ziekenhuizen) aan de Nederlandse Kankerregistratie konden zij nauwkeurig vaststellen wanneer implantaten werden geplaatst en wanneer eventuele auto‑immuun- of reumatische diagnoses werden gesteld. Na correctie voor leeftijd, kankerstadium en aanvullende behandelingen bleek de frequentie van deze aandoeningen in beide groepen gelijk; ongeveer 1 op de 14 vrouwen kreeg jaren na de kankerbehandeling zo’n diagnose.

De studie is opgezet om eerdere, tegenstrijdige bevindingen te verduidelijken. Veel voorgaande onderzoeken vergeleken vrouwen met cosmetische borstvergrotingen met vrouwen uit de algemene bevolking, een vergelijking die mogelijk tot vertekende conclusies leidde. Dit onderzoek gebruikte een geschiktere controlegroep en betrouwbare registraties, wat de onderzoekers als een sterk punt noemen.

Eerdere zorgen — waaronder klachten die in verband worden gebracht met het zogenoemde Breast Implant Illness (vermoeidheid, spier‑ en gewrichtspijn, geheugenproblemen) — werden in vorig onderzoek door hetzelfde team niet bevestigd. Wel is al langer bekend dat er een klein verhoogd risico bestaat op een zeldzame lymfklierkanker (ALCL) bij sommige implantaten; dat risico blijft volgens onderzoekers klein.

Patiëntenorganisaties verwelkomen de geruststellende uitkomst, maar wijzen erop dat individuele klachten serieus genomen moeten worden en dat vervolgonderzoek wenselijk blijft. Vrouwen wordt aangeraden eventuele symptomen met hun arts te bespreken.