Geen brief van Christus maar een kladblok van de duivel
In dit artikel:
De Schotse theoloog James Durham (1622–1658) schreef aan het eind van zijn leven een bittere aanklacht tegen de verdeeldheid binnen de Schotse kerk; die verhandeling verscheen in het Nederlands in 2007 onder de titel Opdat de bediening niet gelasterd worde. De auteur gebruikt die historische case als spiegel voor hedendaagse problemen: kerkelijke twisten, publieke schandalen van ambtsdragers en moddergooien die het getuigenis van de kerk ondermijnen.
Als illustratie wordt dominee J.P. Paauwe (1872–1956) aangehaald, die in 1914 wegens een schijnbaar onbenullige zaak uit zijn ambt in Bennekom werd gezet. Zijn scherpe constatering dat de wereld haar verdorvenheid soms van de kerk leert, wordt gebruikt om te wijzen op hoge pretenties, het verwarren van Wet en Evangelie, onwaarachtigheid en schijnheiligheid binnen kerkelijke structuren. De schrijver waarschuwt dat zulke vormen van gedrag en leiderschap de prediking ondergraven en dat leedvermaak over falende ambtsdragers onpassend is — gebed en herstel zijn nodig.
De tekst verbindt deze klachten met Bijbelse waarschuwingen: Jezus’ verdriet over Jeruzalem en Paulus’ aansporing aan de gemeente in Efeze om geen plaats aan de duivel te geven. In Handelingen maakte de oprechtheid en liefdespraktijk van vroege christenen indruk op de wereld en was dat de aantrekkingskracht van het evangelie; nu leggen interne ruzies en dubbel leven van voorgangers en kerkmensen struikelstenen voor wie tot Christus zou moeten komen.
Kernboodschap: individualisme en relativisme ten aanzien van Gods Woord, gebrek aan tucht en geestelijke nederigheid zetten de kerk op weg naar sektevorming en beschadigen het getuigenis. De oproep is terugkeer naar oprecht lijden, berouw en naar Golgotha — herstel van trouw aan Woord en leven zodat de kerk weer overtuigend kan getuigen.