Fransis (61) uit Groningen verloor haar tante, haar relatie en haar werk. Nu helpt ze anderen rouwen
In dit artikel:
Fransis Bosch uit Groningen ontdekte in eigen leven hoe ongerepte rouw het lichaam, de psyche en relaties ondermijnt. Al op jonge leeftijd verloor ze een familielid door een auto-ongeluk; later maakte ze nog ingrijpende verliezen mee toen in 2012 haar lange relatie strandde en in 2015 haar loopbaanbegeleidingsbedrijf failliet ging. Die opeenstapeling leidde tot schaamte, frustratie en uiteindelijk een burn-out. Sinds 2019 begeleidt Bosch mensen met verlies en volgde ze onder meer de training Verlieskunde bij traumapsycholoog Herman de Mönnink.
In maart start Bosch met stichting Van Oorsprong het programma rouwreizen: geen vakantietrip, maar een traject van negen maanden waarin kleine groepen praktische en creatieve handvatten krijgen om hun leven na verlies opnieuw in te richten. Het programma bestaat uit negen workshops — schrijven, schilderen, rituelen, natuurbeleving — gegeven door onder anderen schrijfster Rita Spijker en beeldend kunstenaar Anja Lofvers. Bosch benadrukt dat het geen therapie is en dat rouw niet "opgelost" kan worden; het doel is leren omgaan met het blijvende gemis en het terugvinden van houvast.
Bosch legt uit dat rouw zowel mentaal als lichamelijk werkt: verlies raakt de zogenaamde sporen in ons brein (relaties, werk, toekomstverwachtingen) waardoor er een sterke stressreactie kan ontstaan. Onderzoek van vakbond CNV uit 2023 toont dat dit ook zichtbaar is op de werkvloer: 10 procent van rouwende werknemers belandt in een burn-out, ruim een derde keert te vroeg terug naar werk en 28 procent valt langdurig uit. Deze cijfers onderstrepen volgens Bosch en De Mönnink dat er meer ondersteuning nodig is, zowel in privésfeer als bij werkgevers.
Er ontstaat wel meer publieke aandacht voor rouw: in Groningen en omliggende gemeenten ontstonden de afgelopen jaren rouwcafés en herdenkingsinitiatieven zoals rouwkassen bij Wintergoud. De Mönnink signaleert dat praten over verlies makkelijker gaat dan vroeger, maar waarschuwt tegen het blijven hangen in slachtofferschap; naast erkenning zijn concrete vaardigheden nodig om het dagelijks leven weer op te pakken.
Bosch hekelt de maatschappelijke verwachting dat iemand binnen een jaar "over" een verlies heen zou moeten zijn en wijst op het patroon dat rouwenden de eerste maanden veel steun ervaren die daarna vanzelf wegvalt. Zij pleit voor meer empathisch luisteren: in plaats van routinematig “hoe gaat het?” is het behulpzamer om te vragen hoe iemands recente dagen waren en echt tijd te nemen voor het antwoord. Thuis probeert ze kinderen bewust te betrekken bij rouw en stervenszorg, zodat verdriet niet taboe wordt.
Als voorproef op rouwreizen organiseert Van Oorsprong op zondag 8 februari van 14.00–17.00 uur een lezing Leven met verlies in cultuurpand Het Paleis in Groningen; die bijeenkomst is ook los te bezoeken. Het initiatief past in een bredere beweging om rouw zichtbaarder en werkbaarder te maken met vakinhoudelijke begeleiding en creatieve vormen van verwerking.