Formerende partijen willen vier omroephuizen en samenwerking NOS en NTR
In dit artikel:
D66, VVD en CDA hebben tijdens het debat over de mediabegroting maandag een voorkeursmodel gepresenteerd voor de hervorming van de publieke omroep: een 4+1-systeem met vier omroephuizen plus een vijfde huis dat een samenwerking vormt tussen NOS en NTR. Met dit compromis — dat vooruitblikt op hoe de drie partijen als toekomstige coalitie willen sturen — willen zij snelle duidelijkheid bieden aan omroepen en beleid maken waaruit samenwerking volgt.
De drie partijen beschikken samen over 66 Kamerzetels; of het voorstel een meerderheid krijgt hangt vooral af van GL-PvdA, dat in inhoud grotendeels overeenkomt maar waarschijnlijk niet zal instemmen met de motie zolang het wetsvoorstel met de precieze samenhang niet zichtbaar is. GL-PvdA wijst bovendien op de eerder opgelegde bezuinigingen waar de sector kritisch over is.
Achtergrond: in het hervormingsplan van april vorig jaar staat dat de huidige publieke omroepsector — bestaande uit elf omroepen plus de taakomroepen NOS (nieuws) en NTR (educatie/cultuur) — uiterlijk vanaf 2029 moet samengaan in meerdere omroephuizen. Doel is betere samenwerking, minder interne concurrentie en efficiëntie met kostenbesparing. Vorig jaar kregen omroepen de opdracht dit uit te werken, maar daar kwamen ze niet uit; dat wekte onvrede bij Kamerleden die vinden dat de politiek kaders moet zetten in plaats van alles aan de sector over te laten.
Tijdens het debat klonk kritiek op trage voortgang en het weinig zichtbare handelen van demissionair cultuurminister Gouke Moes (BBB). D66-Kamerlid Ouafa Oualhadj noemde de huidige gang van zaken “soms als een Poolse landdag”. Tegelijk druist de hervorming in tegen zorgen over extra programmakortingen: vanaf 2027 moeten omroepen jaarlijks 156 miljoen euro minder uitgeven, wat programmakers bang maakt voor verdwijnende programma’s. Sommige Kamerleden pleiten daarom voor het schrappen van managementlagen in plaats van programmabudgetten.
Beslissingen over de bezuinigingen en het definitieve pakket liggen nog op de formatietafel; de formerende partijen willen hierover voorlopig geen details naar buiten brengen en verwijzen naar het aanstaande coalitieakkoord.