FNV teleurgesteld over uitspraak in Uber-zaak, overweegt stappen
In dit artikel:
Vakbond FNV reageert teleurgesteld op het arrest van het gerechtshof Amsterdam van dinsdag, waarin rechters oordeelden dat chauffeurs die voor Uber rijden als ondernemers moeten worden aangemerkt omdat niet vaststond dat er sprake was van een arbeidsovereenkomst. FNV had gehoopt dat het hof in elk geval chauffeurs die uitsluitend voor Uber werken als werknemers zou kwalificeren.
De bond zegt zich niet zomaar neer te leggen bij de uitspraak en onderzoekt zowel cassatie bij de Hoge Raad als het starten van afzonderlijke procedures namens individuele chauffeurs. FNV-bestuurder Amrit Sewgobind benadrukt dat het vonnis vraagt om individuele beoordeling: “Dit is geen nee tegen chauffeurs, maar een juridisch obstakel. De rechter zegt niet dat alle chauffeurs zelfstandig zijn. Dat verschil is cruciaal.”
Volgens FNV biedt het arrest te weinig bescherming voor collectieve belangen: het maakt het mogelijk dat Uber zogenoemde schijnzelfstandigen blijft inzetten, wat volgens de vakbond het sociale stelsel ondermijnt en oneerlijke concurrentie in de hand werkt. De vakbond wijst erop dat het nu aan de Belastingdienst is om handhavend op te treden richting Uber.