Fluorescerende spin en roofzuchtige kever: wetenschappers ontdekken op afgelegen plek tientallen nieuwe diersoorten

donderdag, 4 juni 2026 (14:35) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Een team van 16 Afrikaanse en internationale onderzoekers van The Wilderness Project heeft in februari tijdens een expeditie naar het afgelegen Lisima-plateau in centraal en zuidoostelijk Angola tientallen voor de wetenschap nog onbekende diersoorten aangetroffen. Het Lisima-plateau voedt meerdere grote Afrikaanse riviersystemen — waaronder de Congo, Okavango, Zambezi en Cuanza — en wordt daarom wel de ‘watertoren’ van zuidelijk Afrika genoemd. Door decennia van oorlog en de aanwezigheid van landmijnen was wetenschappelijk onderzoek in het gebied tot nu toe schaars.

Onder het Cassai Life Atlas-initiatief brachten de onderzoekers flora en fauna in kaart met diepgaand veldwerk en macrofotografie. Ze ontdekten onder andere ongeveer 8 nog niet beschreven libellen- en waterjuffer-soorten, 3 nieuwe sprinkhanen- en krekelspecies, en grofweg 60 vlinder- en motsoorten die tot nu toe onbekend waren voor de wetenschap. In totaal registreerde het team 103 soorten libellen en juffers (waarvan 34 nog niet eerder in het gebied waren waargenomen), ruim 1.000 vlinders en motten, en 47 verschillende sprinkhanen-, sabelsprinkhaan- en krekelspecies.

Bijzondere vondsten in het veld waren onder meer een fluorescerende kroonkrabspin (Smodicinus sp. nov.) die oplicht onder ultraviolet licht en een webspin met een fel oranje kleur (Paraplectana sp. nov.) die het uiterlijk van lieveheersbeestjes imiteert — een verdedigingsstrategie tegen predatie. Ook troffen ze een gepantserde, roofzuchtige krekel aan die zich kan verdedigen door vloeistof te spuiten. Daarnaast werden 24 amfibieën- en 23 reptielsoorten genoteerd, waaronder soorten als de Gabonadder, de variabele struikadder, Anchieta's-cobra en diverse moeraskikkers.

De bevindingen onderstrepen het ecologische belang van het Lisima-plateau als bron van betrouwbaar zoetwater en als toevluchtsoord voor gespecialiseerde, vaak endemische soorten. Tegelijk staan de habitats onder druk: mijnbouw, houtkap en nieuwe wegen bedreigen het gebied. Het systematisch in kaart brengen van de biodiversiteit is daarom cruciaal om gerichte bescherming te kunnen organiseren voordat waardevolle leefgebieden onherstelbaar veranderen.

Voor Angolese deelnemers heeft het onderzoek ook een culturele en maatschappelijke dimensie: het vergroot de lokale kennis over en waardering voor het natuurlijke erfgoed en kan bijdragen aan blijvende lokale betrokkenheid bij behoud. De onderzoekers verwachten dat vervolgonderzoek nog meer nieuwe soorten zal aan het licht brengen en dat deze gegevens van belang zijn voor het beheer van zowel biodiversiteit als de watervoorraden die miljoenen kilometers stroomafwaarts ondersteunen.