Flexwoningen: 'Je moet zelf ook flexibel zijn, maar voor mij is het thuiskomen'
In dit artikel:
In Drenthe verschijnen op meerdere locaties tijdelijke flexwoningen om het acute woningtekort te verzachten. Een concreet voorbeeld is het bedrijventerrein Groene Dijk in de Asser wijk Kloosterveen, waar de gemeente vorig jaar mei 96 flexwoningen plaatste (bestemming: 15 jaar) voor jongeren, starters, statushouders en spoedzoekers. Woningcorporatie Actium bouwt daarnaast 52 aanvullende units; die worden tussen half april en eind mei opgeleverd en zijn deels per binnenvaart uit Slowakije aangevoerd.
Bewoners zoals Aafke Jager, die na een scheiding vier maanden op een camping verbleef, ervaren de woningen vooral als een broodnodige tussenoplossing. Haar huisje bestaat uit drie units van 3 bij 6 meter; ze betaalt rond €750 huur en woont er met haar twee zoons. Ondanks beperkte ruimte en het ontbreken van tuin of balkon waardeert zij de saamhorigheid: bewoners werden geselecteerd op draagvlak en bijdragen aan de gemeenschap, waarna gezamenlijke activiteiten en informele zorg de leefbaarheid verhogen. Buurtconsulent Gertjan Oppersma (MijnBuurtAssen) ondersteunt statushouders en anderen bij praktische vragen en merkt dat de nieuwkomers door hun gedeelde situatie snel onderlinge verbindingen vormen.
Praktisch en financieel ligt het plaatje minder simpel dan het lijkt. Projectleider Menno Hunneman van Actium waarschuwt dat het plaatsen van units meer tijd en werk kost dan verwacht: vergunningen volgen reguliere procedures, en na plaatsing is veel afwerking en infrastructuurwerk nodig (wegen, paden, zonnepanelen, beplanting, een buurthuiskamer). Flexwoningen zijn wel goedkoper in aanleg dankzij subsidies, maar reguliere huurwoningen gaan circa 80 jaar mee en zijn waardevaster; de levensduur, herplaatsbaarheid en de uiteindelijke financiële uitkomst van flexprojecten blijven onzeker. Het Rijk faciliteert wel een regeling voor herplaatsing en een tegemoetkoming als verkoop later faalt, maar dat biedt niet alle duidelijkheid.
Actium is terughoudend met grootschalige inzet van flexconstructies: waar permanent gebouwd kan worden heeft de corporatie de voorkeur, maar op plekken waar regulier bouwen niet mogelijk is bieden flexwoningen tijdelijk extra capaciteit. De units voldoen aan nieuwbouweisen en zullen waarschijnlijk veel doorstroming kennen; voor veel bewoners vormen ze echter een belangrijke adempauze om stabiliteit te vinden en door te stromen naar vaste huisvesting.
De inzet van flexwoningen is onderdeel van een grotere uitdaging: provincie Drenthe moet tot 2050 ongeveer 45.000 nieuwe woningen realiseren. Daarbij speelt de vraag welke doelgroepen prioriteit krijgen (starters versus ouderen), of uitbreiding plaatsvindt aan de randen van dorpen of binnen kernen, en hoe snel en duurzaam oplossingen moeten zijn. De gemeente Assen en andere Drentse gemeenten gebruiken flexwoningen als instrument om snel urgente huisvestingsproblematiek te verzachten, maar zien ze niet per se als dé structurele oplossing; ze bieden rust en ruimte voor bewoners om hun volgende stap te plannen, mits er perspectief is op doorstroming. Deze kwestie wordt verder uitgediept in een serie artikelen die de woningopgave in Drenthe van meerdere kanten belicht.