FCC zet druk op Disney en ABC na rel om Kimmel 'grap' over 'weduwe Melania'
In dit artikel:
De Amerikaanse telecomtoezichthouder FCC heeft Disney opgedragen de uitzendlicenties van acht ABC‑televisiestations versneld te laten herzien, hoewel die normaliter pas vanaf 2028 aan de beurt zouden zijn. Disney moet binnen 30 dagen de aanvraag indienen voor lokale zenders in grote markten zoals Los Angeles, New York, San Francisco, Chicago, Philadelphia, Houston, Raleigh‑Durham en Fresno. De stap volgt op een lopend onderzoek naar het diversiteits‑ en inclusiebeleid (DEI) van het mediabedrijf en kwam er volgens ingewijden versneld na de omstreden grap van ABC‑presentator Jimmy Kimmel over first lady Melania Trump tijdens het White House Correspondents’ Dinner.
Disney reageerde dat ABC en de lokale stations langdurig aan FCC‑regels voldoen en dat het bedrijf overtuigd is van rechtmatige naleving van de Communications Act en het Eerste Amendement; het zei bereid te zijn die positie juridisch te verdedigen. Kimmel zelf zei in zijn show dat het een "lichte roast" was en dat de opmerking "in geen enkel opzicht een oproep tot moord" was, terwijl hij ook opriep tot afwijzing van haatdragende retoriek. De grap leidde tot felle politieke druk, waaronder een verzoek van het Witte Huis om Kimmel te ontslaan, en viel samen met een schietincident buiten het gala waarbij de verdachte wordt aangeklaagd, onder meer voor poging tot moord op de president.
Binnen de FCC en bij persvrijheidsorganisaties is veel kritiek op de versnelde herziening. Democratisch commissaris Anna M. Gomez noemde de maatregel ongekend en onwettig en adviseerde media om juridisch in te grijpen. Free Press beschuldigt FCC‑voorzitter Brendan Carr ervan zijn bevoegdheid te misbruiken om kritische stemmen te treffen. De FCC houdt vol dat het besluit voortvloeit uit een lopend onderzoek naar mogelijk discriminerend DEI‑beleid en niet direct uit een individuele uiting. Critici wijzen er echter op dat Carr door president Trump is benoemd en dat de zet politiek geladen is; een juridische confrontatie lijkt onvermijdelijk en kan precedentwerking hebben voor de relatie tussen mediabedrijven en regulering.