Families slachtoffers eisen antwoorden over ontvoeringen naar Noord-Korea: 'We zullen nooit opgeven'

zondag, 31 mei 2026 (11:37) - De Telegraaf

In dit artikel:

In Japan hielden zaterdag ongeveer achthonderd mensen, vooral families van door Noord-Korea ontvoerde Japanners, een groot protest om de vrijlating van de nog vermiste slachtoffers te eisen. Premier Takaichi nam deel aan de bijeenkomst en verklaarde bereid te zijn rechtstreeks in gesprek te gaan met Noord-Korea’s leider Kim Jong‑un. Ze zei dat het haar plicht is de ontvoerden zo snel mogelijk terug te halen en benadrukte dat Tokio nauw met de internationale gemeenschap zal blijven samenwerken.

De bijeenkomst was georganiseerd door verenigingen van nabestaanden en voormalige gegijzelden. Takuya Yokota, die zijn zus Megumi verloor in 1977 toen ze dertien was, riep op om niet op te geven en vroeg Kim Jong‑un de ontvoerden vrij te laten. Ook aanwezige teruggekeerde slachtoffers, zoals Hitomi Soga—die in 1978 werd ontvoerd en in 2002 naar Japan terugkeerde—vertelden dat familieleden nog in Noord‑Korea vastzitten; Soga’s moeder keerde nooit terug.

Officieel erkent Tokio 17 ontvoeringsgevallen, maar de regering vermoedt dat het werkelijke aantal veel hoger ligt; mogelijk zijn tientallen tot honderden Japanners in de jaren zeventig en tachtig ontvoerd. De eerdere terugkeer van enkele gevangenen volgde op de historische top van 2002 tussen oud-premier Junichiro Koizumi en de toenmalige Noord-Koreaanse leider Kim Jong‑il, toen Pyongyang voor het eerst officiële erkenning gaf van ontvoeringen.

Het protest richtte ook aandacht op mogelijke buitenlandse slachtoffers. Nederlandse media brachten recent naar buiten dat Leidy Kaspersma, een Nederlandse vrouw die in 1978 in Ierland verdween, mogelijk in Noord‑Korea terechtkwam; die suggestie werd eerder genoemd door Susan Komori van de Japanese Rescue Movement. Experts vermoeden dat Noord-Koreaanse agenten buitenlanders hebben ontvoerd om hen te oefenen in taal en cultuur, zodat ze als spionnen ingezet konden worden.