Falende instanties laten kinderen in de steek: Scholen luiden de noodklok, maar Veilig Thuis verzuipt in bureaucratie!

woensdag, 20 mei 2026 (15:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Scholen luiden steeds vaker de noodklok over vermoedens van kindermishandeling, maar de meldkamer Veilig Thuis slaagt er volgens het artikel niet in snel genoeg te handelen. In 2025 kwamen uit het onderwijs 6.290 meldingen binnen — ongeveer 36% meer dan drie jaar eerder — terwijl de wettelijke beoordelings­norm van vijf dagen routinematig wordt overschreden. Leraren zouden daarmee hun signaalplicht vervullen, maar meldingen blijven volgens het stuk maandenlang onbeslist op een bureau liggen.

Danny Teniç, directeur van het Landelijk Netwerk Veilig Thuis, noemt de stijging een positief teken omdat scholen hen vaker weten te vinden en stelt dat meldingen bij nieuwe informatie opnieuw worden gewogen. Tegelijk erkent hij dat termijnen soms niet gehaald worden en waarschuwt hij voor te snelle, ingrijpende ingrepen in gezinnen. Mariëlle Bruning, hoogleraar jeugdrecht, benadrukt dat schoolmeldingen zelden lichtvaardig zijn en dat als een kind zich uitspreekt "alle alarmbellen af moeten gaan"; volgens haar vraagt zulke informatie directe bescherming.

Als illustratie wordt de zaak in Stadskanaal aangehaald: een 6‑jarig meisje en een 7‑jarig jongetje werden ernstig mishandeld — naar verluidt door de moeder en een bekende — ondanks eerdere signalen van de school; daadwerkelijke interventie liet maanden op zich wachten. Het artikel gebruikt die casus om te stellen dat het systeem faalt en pleit voor ingrijpende hervorming van jeugdzorg en instanties als Veilig Thuis.

Daarnaast mengt het stuk politieke actie door oproepen tegen geplande asielopvang (Elst/Rhenen) en wijst het op prioriteitsproblemen rond huisvesting. Context: toegenomen meldingen kunnen wijzen op meer herkenning en aanmelden, maar ook leggen ze capaciteits- en organisatieknelpunten bij meldpunten bloot.