Extra risico op huidkanker: een op de vijf buitenwerkers staat regelmatig onbeschermd in de volle zon
In dit artikel:
Nieuw onderzoek van het Nationaal Huidfonds onder 1.053 buitenwerkers toont dat veel Nederlanders die hun werk buiten doen een verhoogd risico op huidkanker lopen omdat zij regelmatig onbeschermd in de zon staan. Bijna de helft (47%) werkt in lente en zomer minstens vier uur per dag in zonlicht; bijna een derde geeft aan soms een halfuur achter elkaar in de sterkste zon te werken. Een op de vijf zegt vaak helemaal geen zonbescherming te gebruiken, en een kwart doet dat af en toe. Het gaat onder meer om mensen in (strand)horeca, bouw en infra, kinderdagverblijven en hoveniers.
In Nederland krijgen jaarlijks ongeveer 81.000 mensen huidkanker. Uv-straling kan het DNA van huidcellen beschadigen en zo mutaties veroorzaken die leiden tot verschillende vormen van huidkanker; de agressiefste vorm, melanoom, treft jaarlijks circa 8.400 mensen en leidt tot ongeveer 850 sterfgevallen. Bij buitenwerkers komt vooral het plaveiselcelcarcinoom vaker voor: volgens dermatoloog in opleiding Sven van Egmond hebben zij twee- tot driewer keer meer kans op deze vorm dan binnenwerkenden, en hoewel zeldzaam kan deze kanker uitzaaien. Het is lastig precies vast te stellen hoeveel gevallen direct aan beroepsmatige zonblootstelling te wijten zijn, omdat mensen ook buiten werktijd in de zon zitten en persoonlijke beschermingsgewoonten verschillen.
Werkgevers zijn op grond van de Arbowet verplicht maatregelen te nemen tegen beroepsmatige blootstelling aan uv-straling; arbeidsrechtadvocaat Pascal Besselink noemt die zorgplicht duidelijk en wijst erop dat bij het nalaten daarvan schadeverhaal mogelijk is. Veel cao’s voor buitenberoepen bevatten inmiddels concrete afspraken: dakdekkers krijgen uv-werende kleding, zonnebril, pet met nekflap en zonnebrand; in Bouw en Infra moeten bedrijven zonnebrand verspreiden en zijn op sommige plekken smeerpalen geplaatst en insmeren verplicht. Kleine werkgevers of bedrijven zonder cao blijken echter soms tekort te schieten.
Praktische preventie volgt de vuistregel ‘weren, kleren, smeren’: zoveel mogelijk uit de zon blijven, bedekkende kleding dragen en bij blootstelling elke twee uur zonnebrand met minimaal factor 30 gebruiken. Besselink wijst verder op de eigen verantwoordelijkheid van werknemers om aangeboden beschermingsmiddelen ook te gebruiken.