Experts blij dat bedrijf achter DigiD niet in Amerikaanse handen komt
In dit artikel:
De Nederlandse staat heeft een voorgenomen verkoop van IT-bedrijf Solvinity aan het Amerikaanse Kyndryl tegengehouden uit zorgen dat Amerikaanse autoriteiten daarmee in bepaalde gevallen toegang zouden krijgen tot DigiD-gegevens. Staatssecretaris Willemijn Aerdts nam het besluit, waarna cybersecurity- en privacyexperts het begroeten als een noodzakelijke stap om vitale digitale infrastructuur te beschermen.
Solvinity beheert niet alleen onderdelen van DigiD en MijnOverheid, maar levert ook systemen binnen het ministerie van Justitie en Veiligheid waarin gevoelige en soms geheimgestelde documenten rondgaan. Techexpert en oud‑AIVD‑toezichthouder Bert Hubert noemt het verbod een dapper besluit en wijst erop dat het ministerie eerder al ingreep rond chipfabrikant Nexperia (oktober 2025) om buitenlandse invloed te beperken. Tegelijk bekritiseert hij het kabinet omdat de risico’s volgens hem al veel eerder serieus hadden moeten worden afgewogen; de verkoop plande al sinds vorig jaar.
Privacyorganisatie Privacy First, geleid door Vincent Böhre, prijst de beslissing en ziet die als noodzakelijk voor privacy en staatsveiligheid. De stichting vecht de overname juridisch aan en hoopt in de lopende procedure als belanghebbende te worden erkend zodat ze inspraak kan uitoefenen. Burgerbeweging De Goede Zaak meldt dat meer dan 200.000 handtekeningen tegen de verkoop publieke druk uitoefenden en noemt het verbod een overwinning voor het publieke belang.
Hubert verwacht dat de Amerikaanse koper in beroep zal gaan. Hij waarschuwt ook dat Solvinity door de afgebroken transactie een flinke waardedaling kan oplopen (van circa 100 miljoen euro mogelijk naar de helft), en opperde dat de Nederlandse overheid het bedrijf zou kunnen overnemen om de discussie definitief te beëindigen en de veiligheid van DigiD te waarborgen. Privacy First hoopt dat deze zaak een precedent wordt om het gebruik van niet-Europese diensten strenger te toetsen.