Expats vinden hier sneller een koophuis dan Nederlanders
In dit artikel:
Onderzoek door hypotheekadviseur Viisi (Expatbarometer) onder 927 expats en 1.923 Nederlandse huizenkopers laat zien dat buitenlandse kopers in Nederland meestal sneller een huis vinden dan Nederlanders: gemiddeld vijf maanden tegenover zeven maanden. Expats bieden wel vaker boven de vraagprijs, maar hun gemiddelde overbieding is kleiner (7,6%) dan die van Nederlandse kopers (9,3%). Ze doen ook meer biedingen: gemiddeld op drie woningen versus 2,3 voor Nederlanders.
Viisi-expatspecialist Andrew Aziz wijst erop dat expats doorgaans doortastender zijn omdat ze minder op familie kunnen terugvallen en vaak hogere huurkosten hebben (“Dat moet ook wel”). Tegelijkertijd suggereren de relatief beperkte overbiedingen dat expats niet impulsief handelen maar weloverwogen keuzes maken. In grote steden zoals Amsterdam leidt de toegenomen aanwezigheid van buitenlandse kopers tot extra concurrentie en verdringing; eerdere schattingen koppelen die concurrentie aan prijsopslagen van ongeveer 5% in de stad.
Een belangrijke reden waarom sommige expats meer kunnen bieden is de fiscale expatregeling (de zogenaamde 30%-regeling), waarmee werkgevers een belastingvrije vergoeding kunnen geven ter compensatie van extra kosten voor buitenlandse werknemers. Financiële zorgen zijn wel aanwezig: 17% van de expats voelt zich kwetsbaar bij de aankoop (tegen 14% van de Nederlanders).
Over toekomstplannen: 52% van de expats verwacht langer dan twintig jaar in Nederland te blijven; ongeveer een derde verwacht minstens tien jaar in het aangekochte huis te wonen, terwijl 40% denkt binnen zes tot tien jaar te verhuizen. Renovatie- en verduurzamingsplannen tonen overeenkomsten tussen beide groepen: 46% van de expats wil ooit renoveren (52% bij Nederlanders) en bij verduurzaming geldt voor beide groepen ruwweg een verdeling van een derde ja, een derde nee en een derde onbeslist.