Europese Rekenkamer luidt de noodklok over nieuwe EU-begroting

maandag, 9 maart 2026 (07:33) - Indepen

In dit artikel:

De Europese Rekenkamer (ERK) trekt al sinds 2019 aan de alarmbel over ongecontroleerde EU-uitgaven en verscherpte die waarschuwing op 24 februari 2026 in verband met de voorgestelde meerjarenbegroting 2028–2034. De Commissie onder voorzitter Ursula von der Leyen wil het budget vrijwel verdubbelen van circa €1,1 biljoen naar €2 biljoen en bijna de helft daarvan samenvoegen in één groot fonds dat bestaande programma’s voor onder meer infrastructuur en platteland vervangt. Lidstaten moeten voortaan met één integraal nationaal plan werken; betalingen gebeuren grotendeels achteraf en zijn gekoppeld aan vooraf afgesproken mijlpalen en streefwaarden.

De ERK waarschuwt dat dit nieuwe model twee grote risico’s brengt. Ten eerste centraliseert het veel macht bij de Commissie en impliciet bij Von der Leyen, omdat de beoordeling of mijlpalen zijn gehaald grotendeels bij Brussel komt te liggen. Ten tweede verlegt het toezicht naar nationale controlesystemen waar de Rekenkamer herhaaldelijk tekortkomingen heeft vastgesteld. Daardoor ontstaat volgens de ERK een combinatie van grotere uitvoeringscomplexiteit en minder betrouwbare verantwoording over hoe Europees geld daadwerkelijk wordt besteed.

Praktische gevolgen: voor Brussel kan administratieve druk afnemen, maar voor lidstaten en eindbegunstigden (provincies, gemeenten) neemt de regeldruk naar verwachting fors toe door strengere bewijseisen voor resultaatgerichte bestedingen. Financieel ziet de ERK ook vraagtekens: er ontbreekt volgens hen een helder kader om de relatie tussen financiering en concrete resultaten te garanderen en om te controleren of gerapporteerde prestaties betrouwbaar zijn.

Politiek rijzen al protesten — zelfs Von der Leyens eigen EPP-fractie reageerde fel — en Raad en Europees Parlement hebben de ERK om advies gevraagd; zij beslissen uiteindelijk over de begroting. De voorstellen verschuiven prioriteiten: relatief veel meer naar defensie en minder naar landbouw en infrastructuur. Voor Nederland zou de bruto-bijdrage volgens het artikel stijgen van ongeveer €10 miljard naar circa €25 miljard per jaar, met extra nationale bureaucratie en mogelijk minder geld voor boeren.

Kortom: volgens de ERK brengt het ontwerp grotere begrotingsomvang en centralisatie met zich mee, maar onvoldoende garanties voor controle, transparantie en aansluiting op nationale noden. De voorstellen gaan dit jaar in debat in Brussel.