Europese investeerders steken miljarden in techreus Palantir en financieren zo 'oorlog tegen democratie'
In dit artikel:
Europese financiële instellingen hebben massaal geïnvesteerd in het omstreden Amerikaanse techbedrijf Palantir, ondanks aanhoudende kritiek op de rol van het bedrijf bij surveillance, militaire toepassingen en mogelijke mensenrechtenschendingen. Follow the Money berekende op basis van openbare SEC-data dat eind december 2025 grote banken, vermogensbeheerders, verzekeraars en pensioenfondsen gezamenlijk voor minimaal 27 miljard dollar in Palantir beleggen. Dat belang was over het jaar daarvoor met ruim 1,5 keer in aantal aandelen toegenomen en door de koersstijging van 2025 bijna verviervoudigd in waarde; begin 2026 verloor het aandeel circa 15 procent van zijn waarde, met tijdelijke oplevingen door geopolitieke spanningen.
Wie en hoeveel: Norges Bank (beheerder van het Noorse oliefonds) is de grootste Europese investeerder met ongeveer 5,1 miljard dollar aan Palantir-aandelen. Andere grote houders zijn de Franse vermogensbeheerder Amundi (~3 miljard), Legal & General (~2,5 miljard), Barclays (~2,2 miljard), Deutsche Bank (~2 miljard), BNP Paribas (>1 miljard), de Zwitserse Nationale Bank (~1,1 miljard) en de Nederlandse Cardano (~1,2 miljard). Deze investeringen bestrijken negentien Europese landen; de totale exposure is vermoedelijk hoger omdat indirecte posities via indexfondsen en Amerikaanse dochters van Europese financiële huizen niet volledig in de berekening zijn opgenomen.
Waarom controverse: Palantir levert software aan onder meer de Amerikaanse immigratiedienst ICE en het Israëlische leger, wat verbanden legt met grootschalige surveillance en militaire dataverwerking. Onderzoekers, mensenrechtenorganisaties en sommige beleggers zien daardoor een risico op schendingen van burgerlijke vrijheden en mensenrechten — MSCI gaf het bedrijf in november 2025 een 2/10 voor die thema’s in zijn ESG-controversierapport. Europese pensioenfondsdeelnemers en academici uitten al protesten toen pensioenfonds ABP vorig jaar in Palantir investeerde; bij andere vermogensbeheerders leidde vergelijkbare bezorgdheid tot desinvesteringen, zoals bij het Noorse Storebrand en de Luxemburgse CANDRIAM. KBC sloot Palantir uit van zijn ESG-fondsen in begin 2025.
Politieke en geopolitieke zorgen: Experts en politici waarschuwen dat Palantir door nauwe banden met de Amerikaanse overheid en invloedrijke figuren als mede-oprichter Peter Thiel een geopolitiek instrument kan vormen dat Amerikaanse dominantie en een politiek-ideologische agenda bevordert. Voormalig Europarlementariër Sophie in ’t Veld en academici als Francesca Bria spreken van risico’s voor Europese soevereiniteit: wanneer Europese overheden Palantir-systemen aanschaffen, geven ze volgens hen ook controle over data en kritieke infrastructuur uit handen. Europarlementariër Chloé Ridel roept wetgevers op overheidscontracten te stoppen en in Europees alternatief te investeren.
Reactie van Palantir en beleggers: Palantir ontkent betrokkenheid bij mensenrechtenschendingen en benadrukt dat het samenwerkt met mensenrechtenorganisaties en Europese instellingen op verschillende terreinen. Sommige beleggers stellen dat zij alleen namens klanten handelen of dat zij engagement voeren onder OESO-richtlijnen; experts wijzen er echter op dat het onderschrijven van die richtlijnen actieve due diligence en druk op het bedrijf vereist, of anders desinvestering.
Praktische risico’s: Naast ethische bezwaren wijzen critici op operationele risico’s: afhankelijkheid van Palantir in militaire logistiek, politie- en zorgsystemen vergroot de kans op datalekken, hacks en ongewenste Amerikaanse beïnvloeding. Zwitserse defensieautoriteiten wezen Palantir herhaaldelijk af vanwege dergelijke zorgen. In Duitsland is gebruik op federaal niveau grotendeels verboden, maar op regionaal niveau bestaat wel inzet, wat tot politieke debat leidt.
De kernvraag voor Europese beleggers en beleidsmakers blijft of winst en technologische voordelen opwegen tegen reputatie-, rechts- en geopolitieke risico’s. Deskundigen benadrukken dat, als beleggers twijfels hebben over ernstige mensenrechtenschendingen, ze moeten proberen Palantir te beïnvloeden — en bij uitblijven van verandering de relatie moeten beëindigen.