Europees Hof: Hongarije in de fout met discriminerende lhbti-wet
In dit artikel:
Het Europees Hof van Justitie heeft geoordeeld dat de Hongaarse wet uit 2021 die het toegankelijk maken van boeken, films en series met lhbt+-personen voor minderjarigen verbiedt, in strijd is met de kernwaarden van de EU. De rechters vinden dat de regeling stigmatiserend en marginaliserend werkt en dus discrimineert op grond van seksuele gerichtheid en genderidentiteit. Volgens het hof kunnen minderjarigen wel degelijk worden beschermd tegen leeftijdsongeschikte media zonder direct op die gronden te differentiëren.
De wet verbood onder meer het “uitbeelden of promoten” van genderidentiteiten die afwijken van het bij geboorte toegewezen geslacht, geslachtsverandering of homoseksualiteit; concreet leidde dat tot bijvoorbeeld boetes voor boekhandels die kinderboeken met homoseksuele personages zichtbaar tentoonstelden. De Hongaarse regering onder premier Orbán benadrukte dat de maatregel kinderen moest beschermen, maar dat argument werd door het hof verworpen.
De zaak werd in 2021 door de Europese Commissie aangespannen en uitzonderlijk door alle 27 rechters van het hof behandeld; zestien lidstaten (waaronder Nederland) plus het Europees Parlement sloten zich bij de zaak aan. Nieuw en belangrijk is dat het hof ook oordeelde dat Hongarije artikel 2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie heeft geschonden — daarmee is voor het eerst expliciet een lidstaat op dit grondslagsovertreding veroordeeld, wat Brussel een sterker juridisch middel geeft tegen vergelijkbare nationale wetten.
Er zijn voorlopig geen directe sancties. De Commissie kan Hongarije nu verzoeken de wet aan te passen; bij uitblijven van naleving kan zij opnieuw naar het hof stappen en kunnen boetes volgen. Ondertussen zal moeten blijken hoe de recent verkozen Péter Magyar, die Orbán opvolgt, met dat verzoek omgaat.