Europees hof eist vrijlating Turkse zakenman Kavala: detentie tekent repressie
In dit artikel:
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) eist opnieuw dat Turkije zakenman en filantroop Osman Kavala onmiddellijk vrijlaat. Volgens de hogere kamer van het hof legt zijn zaak een systematisch probleem bloot: de detentie en vervolging van politieke tegenstanders, mensenrechtenactivisten en journalisten. Het proces tegen Kavala zou bedoeld zijn geweest om hem het zwijgen op te leggen.
De 68-jarige Kavala zit sinds 2017 vast. In 2022 werd hij veroordeeld tot levenslang zonder mogelijkheid op vervroegde vrijlating, vanwege zijn vermeende rol bij de Gezi-protesten van 2013 en de mislukte staatsgreep van 2016. Turkse rechters beschuldigden hem ervan de protesten te hebben gefinancierd en de regering te willen omverwerpen.
Het EHRM oordeelde al in 2019 dat er onvoldoende bewijs tegen Kavala was en dat hij moest worden vrijgelaten. Turkije moest hem bovendien een schadevergoeding betalen. President Recep Tayyip Erdogan verwierp die uitspraak en stelde dat de Turkse rechtspraak onafhankelijk is. Mensenrechtenorganisaties en Erdogan-critici zeggen juist dat hij de rechterlijke macht inzet tegen politieke tegenstanders.
De weigering van Ankara om het eerdere oordeel uit te voeren veroorzaakte in 2021 een diplomatieke crisis met tien westerse landen, waaronder Nederland. EHRM-uitspraken zijn bindend voor alle leden van de Raad van Europa, waartoe ook Turkije behoort. Andere lidstaten moeten bepalen welke gevolgen een nieuwe weigering heeft voor het Turkse lidmaatschap.
Vandaag Inside: Valentijn Driessen vraagt Nigel de Jong: 'Waarom is de staf geen afspiegeling van de verwachte selectie?'