EU wil einde aan grenscontroles, critici vrezen minder grip op asielinstroom
In dit artikel:
De Europese Commissie roept Nederland, Duitsland en acht andere Schengenlanden op om controles aan de binnengrenzen af te bouwen. Het gaat naast Duitsland en Nederland ook om Oostenrijk, Denemarken, Frankrijk, Italië, Noorwegen, Slovenië en Zweden. Brussel stelt dat binnenschengengevallen niet meer noodzakelijk zijn omdat steeds meer digitale controles aan de EU-buitengrenzen en nieuwe migratieregels doeltreffendere alternatieven bieden.
In grensgemeenten zoals Losser leeft opluchting: maandenlange grenscontroles veroorzaakten files en overlast. Burgemeester Jeroen Diepemaat zegt dat de opbrengst van de controles beperkt is — in één jaar werden ongeveer 500 personen de toegang geweigerd, gevolgd door circa 100 in de zeven maanden daarna — en dat de nadelen daardoor zwaar wegen. Tegelijk is hij terughoudend met vieren, omdat vergelijkbare berichten eerder niet altijd tot blijvende verandering leidden. “Er is eigenlijk vooral overlast,” zei hij eerder.
De Commissie noemt technieken als mobiele biometrische identificatie, voertuigvolgtechnologie en niet-systematische politiecontroles als alternatieven en verwijst naar het aankomende EU-migratiepact en nieuwe asiel- en terugkeerregels die deze zomer ingaan. Critici en migratie-experts zijn sceptisch over de effectiviteit van die plannen en vrezen dat landen daardoor minder grip houden op irreguliere migratie en doorreizende asielzoekers. Duitsland, onder meer vertegenwoordigd door minister Alexander Dobrindt, heeft de oproep tot op heden genegeerd.
Samengevat staat een afweging centraal: minder verkeerschaos en administratieve lasten voor grensgemeenten versus onzekerheid over of de EU en lidstaten met alternatieve middelen hetzelfde niveau van controle op asiel- en migratiestromen kunnen handhaven.
Het Oranje Café: Danny Blind geeft Robin van Persie advies over zoon Shaqueel: 'Alle rancune uitschakelen'