EU verklaart critici vogelvrij
In dit artikel:
De EU heeft in het kader van de sancties tegen Rusland tientallen mensen — niet alleen Russen maar ook burgers uit EU-landen en daarbuiten — op een zwarte lijst gezet zonder voorafgaand proces, waarschuwing of duidelijke feitelijke toedracht. Onder hen bevindt zich de Zwitserse kolonel b.d. Jacques Baud, recent toegevoegd als de 59e persoon; ook activiste Nathalie Yamb en de Duitse journalist Hüsseyin Dogru staan op de lijst. De sancties bestaan uit bevroren bankrekeningen, een reisverbod in de EU en het Europese luchtruim, en een verbod op economische of financiële relaties, waardoor slachtoffers praktisch geen inkomsten meer kunnen verwerven.
Critici spreken van een ondoorzichtig en buitengerechtelijk systeem. De Duitse Europarlementariër Michael von der Schulenburg, die de zaak onderzocht en een juridisch rapport liet opstellen, stelt dat de procedure geheim is: besluiten bevatten vaak slechts een korte, vage omschrijving (bijvoorbeeld dat iemand een “spreekbuis” van Russische propaganda zou zijn) zonder bronvermelding, feiten of bewijs. Von der Schulenburg zegt dat de betrokkenen zo feitelijk “vogelvrij verklaard” zijn en dat er geen duidelijke route is om van de lijst te komen; er geldt geen tijdslimiet en er worden geen concrete handelingen voorgeschreven die tot delisting zouden leiden.
Rechtswetenschappers bevestigen de ernstige rechtsbeschermingsproblemen. Dr. Alexandra Hofer (Universiteit Utrecht) noemt de maatregel administratief en wijst erop dat betrokkenen geen inhoudelijke informatie krijgen over de aantijgingen. Juridische stappen bij het Europees Hof van Justitie (ECJ) bieden volgens haar weinig soelaas: het Hof beperkt zich grotendeels tot het controleren of het besluit-formulier intern klopt, niet tot een diepgaand onderzoek naar de rechtmatigheid of proportionaliteit van de sanctie. Hofer verwijst naar voorbeelden waarin oligarchen het Hof wonnen op beschrijvingsfouten, waarna de besluiten werden aangepast en zij opnieuw werden gesanctioneerd.
De huidige bevoegdheden zijn deels geworteld in na 9/11 ontstane anti-terrorismewetgeving en in regels die onder het Verdrag van Lissabon aan de Europese Raad zijn toegekend om preventief te kunnen optreden tegen externe dreigingen. Volgens Hofer en andere onderzoekers wordt dat instrument nu ook gebruikt tegen personen binnen of verbonden aan EU-landen die kritisch zijn op het EU-beleid, vooral op het Russische dossier. Dat maakt het systeem kwetsbaar voor willekeur: een enkele alinea met het verwijt van “foreign information manipulation and interference” kan volgens critici volstaan om iemand te treffen.
Concrete verhalen illustreren de impact. Jacques Baud, een voormalige NAVO- en VN-analist die zichzelf ziet als kritisch op het EU-beleid maar geen banden met Rusland heeft, wordt door de EU als “spreekbuis” van pro-Russische propaganda bestempeld zonder verdere onderbouwing. Nathalie Yamb, politiek activiste met Zwitserse en Kameroense banden, beschrijft bevroren rekeningen, geannuleerde boekingen en opgezegde digitale diensten; zij zegt dat de sancties haar sociaal en financieel isoleren en haar familiecontacten verhinderen.
Politiek leeft de kwestie sporadisch. FVD-Kamerlid Gideon van Meijeren kondigde schriftelijke vragen aan minister Frank Rijkaart aan en pleit voor het beperken van het sanctieregime tot personen die strafbare of aantoonbaar gewelddadige handelingen plegen. Academici en juristen roepen op tot meer aandacht, organisatie en een onderzoek in het Europees Parlement. Tegelijkertijd wijst Hofer op institutionele obstakels: de EU heeft het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) niet geratificeerd en ook het ICCPR (Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten) niet ondertekend; nationale rechters verklaren zich vaak niet bevoegd om EU-besluiten te toetsen.
Samengevat: deskundigen waarschuwen dat het sanctieregime — zoals het nu wordt toegepast — ernstige gebreken vertoont op het vlak van transparantie, rechtsbescherming en proportionaliteit. Omdat de procedure geheim is, beschuldigingen vaag blijven en beroep beperkt is, vrezen juristen en beleidskritische politici dat het instrument kan worden ingezet tegen ieder die onwelgevallige meningen uitdraagt, met verstrekkende persoonlijke en civielrechtelijke gevolgen. Zij roepen op tot juridisch onderzoek, politieke controle en hervorming om te waarborgen dat sancties niet leiden tot buitengerechtelijke ontneming van burgerrechten.