Er zit genoeg toekomst in Oranje: 'We presteren op mondiaal niveau'

woensdag, 15 april 2026 (16:02) - NOS Nieuws

In dit artikel:

Renée van Asten (19, Ajax) maakte dinsdagavond een opvallend debuut in het Nederlands vrouwenelftal en staat sindsdien in de schijnwerpers. Haar snelle opkomst wordt door KNVB-manager Stefan Hoogsteder toegeschreven aan het hoge niveau en de druk waarin jonge speelsters in de eredivisie leren presteren; dat biedt kansen om op nationale teams meteen stand te houden. Van Asten debuteerde dit seizoen professioneel bij Ajax, maar liep in augustus 2024 een kruisbandblessure op waardoor ze onder meer het U20‑WK miste — een tegenslag die volgens kenners ook haar mogelijke vroege vertrek naar het buitenland vertraagde.

Desondanks staat ze al langer op de radar van topclubs en ontvangt zij al belangstelling, zegt zaakwaarnemer Guido Albers, die de interesse voorlopig geheim wil houden om afleiding te beperken. Analisten vergelijken haar potentie met eerdere talenten die snel doorstroomden naar grotere clubs, zoals Veerle Buurman.

De KNVB blijft voorzichtig optimistisch: de Nederlandse jeugdteams leveren de laatste jaren structureel sterke prestaties (U19 op EK‑niveau, U17 Europees kampioen en WK‑finalist), wat wijst op een ruime talentenpoel. Namen als Rosalie Renfurm (FC Utrecht, aanvoerder van de U17-ploeg) en Sophie Proost (18, FC Twente) worden al als beloftes voor de toekomst genoemd en mogelijk exportkandidaten.

Toch waarschuwen betrokkenen dat talentontwikkeling grillig is en dat één geslaagd debuut geen garantie biedt. Voor Van Asten ligt er direct een nieuwe kans: aanstaande zaterdag speelt Nederland opnieuw tegen Frankrijk; dan moet ze laten zien dat haar eerste optreden geen toevalstreffer was en haar plek in het grote Oranje kan bevestigen.