Einde sleepnetvisserij kan nieuw begin inluiden voor de Doggersbank
In dit artikel:
Op 31 mei 2026 oordeelde een Nederlandse rechter dat Nederlands sleepnetvissen op de Doggersbank niet langer zonder vergunning mag plaatsvinden. De uitspraak kwam na een rechtszaak van natuurorganisaties en wordt gezien als een stap met grote gevolgen: sleepnetvisserij geldt onder wetenschappers als de belangrijkste bedreiging voor het leven op de Doggersbank, een ondiep, zeer productief gebied in het midden van de Noordzee ter grootte van ongeveer België.
Historische en ecologische context: al sinds de 19e eeuw ontwikkelde sleepnetvisserij zich van kleine zeilboten tot moderne schepen met netten zo groot als voetbalvelden. Europa is de grootste uitvoerder van deze techniek: circa 5.000 schepen zijn gezamenlijk zo’n 5,5 miljoen uur per jaar actief in Europese wateren. Het gevolg is grootschalige verstoring van de zeebodem—volgens het Europees Milieuagentschap is ongeveer 86% van de zeebodem in de Internationale Noordzee en de Keltische Zee verstoord—en een sterke inzakking van visstanden; onderzoekers schatten dat er nog maar rond 5% overblijft van historische populaties. Ook worden jaarlijks duizenden soorten in de netten aangetroffen, waaronder honderden beschermde of bedreigde taxa, en veel vangst wordt weer overboord gegooid.
Maatschappelijke en klimaatkosten: recente economische berekeningen geven aan dat de maatschappelijke kosten van Europese sleepnetvisserij kunnen oplopen tot circa 16 miljard euro per jaar, vooral door hoge CO2-uitstoot, tegenover ongeveer 180 miljoen euro jaarlijkse winst voor de visserijsector. Het trekken van zware netten vergt veel brandstof, waardoor de klimaatbelasting per portie vis vergelijkbaar kan zijn met die van rundvlees. Daarnaast wordt koolstof die in de zeebodem was opgeslagen losgemaakt door het omwoelen van de bodem; één studie stelde dat de gecombineerde uitstoot door brandstofverbruik en vrijgekomen bodemkoolstof vergelijkbaar is met de wereldwijde luchtvaart.
Schadebeelden en neveneffecten: sleepnetten vernietigen paaigronden, schelpdier- en koraalgemeenschappen en andere structuren die decennia nodig hebben om te herstellen. Het resulteert in grote bijvangst van haaien, roggen en andere kwetsbare soorten, vergroot vervuiling doordat netten achterblijven en doorgaan met ‘spookvissen’, en verergert zo de biodiversiteits-, klimaat- en vervuilingscrises tegelijk.
Juridische en beleidsmatige gevolgen: de Doggersbank staat al 17 jaar op de kaart als Natura 2000-gebied en valt onder Vogel- en Habitatrichtlijn, die verslechtering moet voorkomen. De rechterlijke uitspraak sluit aan op eerdere kritiek: in december vernietigde de Rechtbank Gelderland delen van het beheerplan voor de Doggersbank omdat dat te weinig beschermende maatregelen bevatte. Door de nieuwe uitspraak moet Nederland nu vergunningen eisen voor schadelijke activiteiten op de Doggersbank en kunnen er plannen voor herstel worden opgelegd of aangescherpt.
Kansen voor herstel en verplichtingen: natuur is veerkrachtig mits het de ruimte en tijd krijgt. Internationaal en Europees ligt er nu ook een juridisch kader dat herstel afdwingt: de Europese Natuurherstelwet verplicht effectieve herstelmaatregelen in 30% van aangetaste zeegebieden tegen 2030. Nederland moet deze zomer een Natuurherstelplan indienen bij de Europese Commissie, een momentum om grootschalige maatregelen voor de Doggersbank en andere beschermde gebieden vast te leggen en grensoverschrijdende samenwerking aan te jagen.
Actoren en oproep: de zaak was aangespannen door Stichting Doggerland, ARK Rewilding Nederland, ClientEarth en Blue Marine Foundation. De uitspraak wordt door deze organisaties gezien als kans om het beleid te kantelen: van gebieden die slechts op papier beschermd zijn naar echte rust- en herstelgebieden. De brieflijn is dat, als overheden eindelijk natuurherstel en grensoverschrijdende rewilding serieus nemen, een gezonde Doggersbank — met functionerende kraamkamers en terugkeerde soortenrijkdom — niet alleen ecologisch maar ook maatschappelijk voordeel oplevert.