Eerste koolmeesei van 2026 is allervroegste ooit

donderdag, 2 april 2026 (16:05) - NatureToday.nl

In dit artikel:

Op 21 maart 2026 werd in nestkast 138 in Oosterhout bij Nijmegen het vroegst ooit geregistreerde eerste ei van het koolmeesonderzoek van het NIOO‑KNAW aangetroffen. Onderzoeksassistent Maartje van Deventer vond vijf eieren en kon via het ritme van één ei per dag terugrekenen naar die datum. Het onderzoek volgt sinds 1955 bijna 2.000 nestkasten en geldt als ’s werelds langstlopende studie aan individueel herkenbare dieren, waardoor veranderingen in de lente goed af te lezen zijn.

Het vroege legmoment in Oosterhout blijkt geen geïsoleerd geval: ook in het Liesbos viel dit seizoen het vroegste eerste ei ooit op 23 maart, en onderzoekers in Antwerpen en bij de University of Oxford (Wytham Woods) melden eveneens een vroeg jaar. De zachte winter, op enkele koude periodes na, past in een trend van vervroegde lenteactiviteit vergeleken met de jaren vijftig, toen de eerste eieren doorgaans medio april verschenen (bijvoorbeeld 20 april 1956).

Toch leggen de mezen nog niet ononderbroken door. Volgens Van Deventer hebben sommige vrouwtjes de “pauzeknop” ingedrukt door kou; gevonden eieren lagen koud en waren bedekt met nestmateriaal, wat wijst op uitgesteld broeden. Omdat nabijheid van bebouwing vaak vroegere broedtijden oplevert, verschillen regio’s: Hoge Veluwe en Vlieland blijven van nature later. Met een warme periode in het vooruitzicht kunnen mezen snel intensiever gaan broeden, maar dat heeft ook een keerzijde.

Afdelingshoofd Dierecologie Marcel Visser wijst op de match‑mismatchproblematiek: piek beschikbaarheid van rupsen – het belangrijkste voer voor jongen – verschuift ook naar eerder in het jaar. Of de huidige voortijdige eileg samenvalt met voldoende rupsen zal afhangen van de temperatuur in de cruciale weken tussen leggen en het grootste voedselvraagmoment; bij onvoldoende rupsen kunnen jongen in de problemen komen. De vondst illustreert zowel de aanpassingskracht van koolmezen als de risico’s van een steeds vroeger invallende lente door klimaatverandering.