Een verhaal dat steeds opnieuw geboren wordt

woensdag, 24 december 2025 (16:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Elk jaar rondom kerst nemen predikanten, leerkrachten en vertellers opnieuw Lukas 2 onder handen om het kerstverhaal springlevend te maken. De vraag die hen bezighoudt is niet alleen wát ze vertellen, maar hóe: hoe maak je bekende scènes – herberg en herders, engelen en kribbe – weer verrassend en geloofwaardig voor een modern publiek?

Als vertrekpunt kiezen zij steeds de Bijbeltekst zelf. Nauwkeurig lezen helpt vaste beelden te ontkrachten: de koppige herbergier doet zich in Lukas niet expliciet voor, en het woord dat wij vaak als „stal” vertalen heeft een preciezere achtergrond. Bijbelkenner Jan Fokkelman wijst erop dat Lukas historische namen als Augustus en Cyrenius gebruikt, niet om hen tot hoofdpersonen te maken, maar om Jezus’ geboorte in Juda te verankeren. Zulke tekstuele nuances vormen het materiaal waaruit vertellers kiezen.

Daarnaast put men uit moderne bronnen om context en sfeer op te bouwen: documentaires en filmpjes uit Israël geven indrukken van landschap en leefwereld rond Bethlehem en Nazareth; kinderbijbels, poëzie en literatuur leveren beeldrijke taal die verhalen kan verdiepen. Verteljuf Ellen Zoutendijk leest stapels kinderbijbels en gebruikt ook literaire zinnen om haar vertelstem aan te scherpen; ze citeert een regel uit Selma Lagerlöf die het doel raakt: het verhaal leeft in de ontmoeting tussen verteller en luisteraar.

De ambacht van vertellen speelt een grote rol. Traditionele adviezen – „zie het voor je” – klinken door in handleidingen van W.G. van de Hulst tot recentere boeken als Steven Middelkoops „De kunst van het vertellen”: inleven, spanning opbouwen en emoties voelbaar maken zijn essentiële stappen. Schrijfster Annet Huizing benadrukt in haar handboek de noodzaak van variatie en precisie in woordkeus; ook Zoutendijk oefent intonatie en mimiek tot het juiste woord en de juiste toon samenkomen.

Tegelijk bestaat er terughoudendheid tegenover te veel theatrale trucs. Predikanten als D.J. van Keulen en A.S. Middelkoop en Zoutendijk willen vooral de kern niet uit het oog verliezen: de theologische boodschap dat Jezus „voor zondaren” kwam en dat het nieuws van de engel ook aan „u en mij” gericht is. Vertellen is dus zowel vakwerk als geloofsdaad: techniek en verbeelding moeten dienstbaar zijn aan de betekenis van het verhaal.