Een spannend lila bouwsel en uitdagend expositie-ontwerp: het veelzijdige werk van Amsterdamse architect Afaina de Jong te zien in Van Eesteren Museum

donderdag, 4 juni 2026 (21:17) - Het Parool

In dit artikel:

De Amsterdamse architect Afaina de Jong (1977) krijgt haar eerste overzichtstentoonstelling in het Van Eesteren Museum: Unruly Process: Future. Present. Past. De expositie toont haar uiteenlopende praktijk — van gebouwen en paviljoens tot tentoonstellingsontwerp, onderzoek en activisme — en loopt t/m 5 juli. Centraal staan haar tactiele werkwijze, betrokken veldonderzoek en de nadruk op gebruikservaring boven pure beeldvorming.

Een van de bekendste projecten in de zaal is Kinship Library, dat vorig jaar van mei tot november op het NDSM-terrein stond. Het lilakleurige, deels schurende bouwwerk fungeerde tegelijk als sculptuur, geluidsarchief en ontmoetingsplek: bezoekers hoorden verhalen van naaisters, lassers en graffiti-artiesten die de buurt mede vormgaven. Het werk illustreert De Jongs voorkeur voor ruimtelijke knooppunten waar mensen en verhalen samenkomen, niet louter objecten die je bekijkt van een afstand.

De tentoonstelling toont een lange rij maquettes — een blikvanger — waarin De Jongs omslag naar handwerk zichtbaar wordt. Na jaren bij OMA gewerkt te hebben, keerde ze terug naar papier, lijm en schaalmodellen om verhoudingen en tactiliteit letterlijk te grijpen. Die werkwijze vertaalt zich in uitsneden en uitgeklapte wanddelen die op kleine vloeroppervlakken een onverwacht ruimtelijk gevoel creëren. Projecten als City of the Sun (Rotterdam) en Counterspace (New York) spelen met gelaagdheid, kleur en grafische motieven die vaak verwijzen naar historische ontwerpstromen.

De Jong werkt veelal op locatie en betrekt bewoners in het ontwerpproces. Voor een paviljoen in Stockholm voerde ze tientallen gesprekken met vrouwen over veiligheid; die input leidde tot grote uitsparingen en zichtlijnen die zowel beschutting als overzicht bieden, gecombineerd met een podiumachtige hoogte en een geïntegreerde geluidsinstallatie om sociale activiteiten te stimuleren. Deze praktijk weerspiegelt haar keus tegen de visionair-iconische architectuur van de late twintigste eeuw — de “goed om naar te kijken”-stijl — en voor een zintuiglijk, sociaal en gebruiksgericht ontwerp.

Die lichamelijke en emotionele benadering komt ook in haar tentoonstellingsontwerpen sterk naar voren. In de surrealistische opstelling Tranen van Eros (2020) creëerde ze voyeuristische doorzichten en onverwachte gezichtsmomenten; in de slavernijtentoonstelling in het Rijksmuseum (2021) liet ze bezoekers lichamelijk bukken, door smalle tunnels kruipen en geconfronteerd worden met spiegels waarin objecten en hun eigen anonieme spiegelbeeld samengaan — ingrepen die afstand wegnemen en historische ervaring voelbaar maken.

Politiek en activisme lopen als een rode draad door haar werk. Ze initieerde Matri-archi(tecture), een netwerk van vrouwelijke architecten van kleur dat onder meer een AI-model ontwikkelde om archieven toegankelijker te maken en zo de dominante canon te bevragen. Ze maakte gericht onderwijsmateriaal rond denkers als Audre Lorde en richtte publieke ruimtes en projecten op die bottom-up initiatieven en ‘DIY city’-praktijken versterken, zoals het kunstruimteproject Ultra de la Rue op De Wallen.

Unruly Process vat goed samen wat De Jong doet: experimenteren, uitproberen en plekken herlezen in plaats van streven naar monumentale, permanente gebaren. Haar werk functioneert als een lens die de stad en haar sociale lagen zichtbaar en bewoonbaar maakt. De tentoonstelling biedt een compacte maar veelkleurige dwarsdoorsnede van die aanpak en laat zien dat architectuur bij haar vooral een middel is om mensen, herinnering en ruimte met elkaar te verbinden.