Één op de tien Nederlanders ervaart stress door de score die hun slaaptracker aangeeft
In dit artikel:
Steeds meer Nederlanders gebruiken technologie om hun slaap te volgen: uit recent onderzoek van Swiss Sense onder 950 Nederlanders blijkt dat 27% hun nachtrust meet met bijvoorbeeld smartwatches of apps (mannen 30%, vrouwen 25%). Het doel is vaak bewustwording van slaapgedrag, maar de uitkomsten zijn gemengd. Slechts 5% zegt daadwerkelijk beter te slapen sinds het bijhouden, 28% is zich meer bewust van hun slaaproutine, terwijl 64% geen verschil merkt en 4% juist onrustiger is geworden.
Meten leidt ook tot spanning bij een deel van de gebruikers: 13% ervaart af en toe stress door de slaapscore en 2% voelt regelmatig spanning. Vrouwen reageren sterker op die cijfers (20% soms stress) dan mannen (10%). Tegelijkertijd vertrouwt bijna twee derde (63%) grotendeels op de meetwaarden; 9% gelooft ze volledig en circa 25% is sceptisch over de betrouwbaarheid.
Ook het telefoongebruik rond bedtijd blijft wijdverbreid: 7% zegt echt niet zonder te kunnen scrollen, 14% wisselt per avond, en meer dan de helft heeft daar geen moeite mee om daarna in slaap te vallen. Tegelijk checkt 4% van de mensen regelmatig ’s nachts hun toestel op nieuwe berichten. Het onderzoek illustreert dat slaaptrackers populair zijn voor inzicht, maar voor de meeste gebruikers weinig concrete verbetering brengen en bij sommigen juist zorgen kunnen oproepen — iets waar experts soms waarschuwen voor het fenomeen ‘orthosomnia’. Raadzaam is trackers als indicatief te zien en bij aanhoudende slaapproblemen professioneel advies te zoeken.