Een kleiner team = gezonde schaarste (en dit levert het je op)
In dit artikel:
Dit jaar nam de auteur — werkzaam bij softwarebedrijf AFAS — zichzelf voor een controversiële managementopdracht: met minder collega’s meer impact realiseren. Niet vanuit bezuinigingsdrift, maar als bewuste experiment: tijdelijke, gezonde schaarste inzetten om creativiteit en scherpte af te dwingen. Het gaat niet om structurele onderbezetting of roofbouw, maar om het creëren van net genoeg spanning in het systeem zodat inefficiënties zichtbaar worden en teams noodgedwongen slimmer gaan werken.
Wat gebeurde er concreet? Toen het team besloot met circa 25% minder capaciteit te werken, verschoof de energie snel van individueel handelen naar gezamenlijke verantwoordelijkheid. Taken werden niet langer over de schutting gegooid; samenwerking werd de enige manier om te blijven leveren. Schaarste maakte prioriteiten onmiddellijk kristalhelder: projecten zonder directe toegevoegde waarde vielen weg, en iedereen moest kiezen wat absoluut noodzakelijk was voor klantwaarde en continuïteit.
Die beperking bracht ook een andere dynamiek op het vlak van werkmethoden. Routinetaken en processen die “altijd zo gedaan werden” kregen een kritische blik. Een deel bleek te automatiseren met beschikbare AI-tools; andere onderdelen konden eenvoudiger of asynchroon worden opgepakt, waardoor vergaderingen en administratieve overhead afnamen. In plaats van meer mensen toe te voegen om inefficiënties te maskeren, dwong de krapte het team tot proces-schrappen en slimme herverdeling van werk — en dus tot innovatie.
Daarnaast versterkte de schaarste het vermogen om collectief ‘nee’ te zeggen. In plaats van het woord zien als weigering, werd het een instrument om focus te bewaken: elk nieuw initiatief moest worden afgewogen tegen kerndoelen. Ook veranderde feedback van een halfjaarlijks formaliteitje in een operationele noodzaak; direct, respectvol terugkoppelen werd cruciaal om fouten snel te corrigeren en leren te versnellen.
De auteur linkt deze ervaring aan eerdere experimenten binnen AFAS: een medewerkersstop twee jaar geleden en de invoering van een vierdaagse werkweek het jaar daarop. Telkens zag hij hetzelfde patroon terugkeren: tijdelijke beperking leidt tot meer eigenaarschap, heldere doelen en hogere prestaties — mits de balans met werkdruk en welzijn bewaakt blijft. Een elastiek kun je niet eindeloos uitrekken; gezonde grenzen zijn essentieel.
De oproep aan collega-managers is praktisch en provocerend: wacht niet tot de krapte je overkomt, creëer zelf beperkte ruimte om ruis weg te snijden. Stel de hypothetische vraag wat er zou gebeuren bij 10–20% minder capaciteit en welke inefficiënties dan direct verdwijnen. Volgens de auteur kan schaarste geen tekort zijn maar juist de bevrijding die teams nodig hebben om echt impact te maken — mits zorgvuldig toegepast en met oog voor mensen.