Een jaar lang afvallen met afslankmedicatie: dit zijn de 12 lessen die Hanneke leerde
In dit artikel:
Hanneke Mijnster beschrijft hoe een jaar geleden, na een bezoek aan de huisarts en de diagnose diabetes type 2, ze begon met wekelijkse afslankmedicatie (een GLP‑1–achtige prik elke vrijdag na het ontbijt). In twaalf maanden tijd verloor ze veel gewicht (ongeveer vijf kledingmaten) en deelt ze twaalf persoonlijke lessen over wat schaamteloze medische hulp, eetgedrag en zelfbeeld met elkaar doen.
Kernpunten
- Wie: Hanneke Mijnster, journaliste en auteur (schrijft voor RTL Nieuws).
- Wat: een jaar gebruik van afslankmedicatie gecombineerd met gedragsverandering, beweging en therapie‑inzicht.
- Wanneer: het afgelopen jaar, met wekelijkse injecties sinds de start.
- Waar: Nederland (context van de gezondheidszorg en BMI‑discussie).
- Waarom: behandeling van diabetes type 2 en de wens om gezonder en beter in haar vel te zitten.
Belangrijkste lessen (samengevat)
1. Hulp vragen is geen tekortkoming: medische ondersteuning bij langdurig overgewicht hoort even legaal thuis als medicatie voor astma of hoge bloeddruk.
2. “Foodnoise” vermindert, maar verdwijnt niet: medicatie dempt constant honger en gedachten aan eten, maar signalen en emoties rondom eten blijven terugkomen en bieden nuttige informatie.
3. Smaak en tolerantie veranderen: sommige voedingsmiddelen die ze vroeger lekker vond (bijv. linzen, sterke kruiden, kaas) kunnen plots onaangenaam zijn of buikklachten geven; slimme, vullende keuzes (eiwitten, vezels) worden belangrijker.
4. Eten en bewegen moeten op elkaar worden afgestemd: timing van activiteit en drinken beïnvloedt hongergevoel en spijsvertering; mealpreppen krijgt een nieuwe invulling.
5. Iedereen heeft een mening: familie, vrienden en vreemden geven vaak ongevraagd advies of goedbedoelde waarschuwingen — die commentaren moeten zij beheren.
6. Verandering is beangstigend, ook als je er zelf om vroeg: het verlies van het oude ‘schild’ kan onzeker maken, maar is de moeite waard.
7. Innerlijke confrontaties: gewoontes en angsten die met eten samenhingen komen naar boven; zonder de automatische snackreactie moet ze emoties anders verwerken.
8. Regie over gesprekken over je lichaam: complimenten en vergelijkingen kunnen kwetsen; zij leert grenzen te stellen en ongemak te benoemen.
9. Zoek gelijkgestemden: steun van vrienden die vergelijkbare ervaringen kennen, helpt meer dan goedbedoelde maar misplaatste raad.
10. Het is nooit “klaar”: fysiek smaller zijn vereist meer onderhoud (meer bewegen om verbranding op peil te houden) en mentaal blijft er voorzichtigheid tegenover eten.
11. Uiteindelijk draait het om eigen zorg: medische hulpmiddelen helpen, maar dagelijks plannen van voeding, beweging en emotionele zorg is onvermijdelijk en tijdrovend.
12. Vrijheid terugwinnen: ondanks een voortgaand traject met doelen en labels voelt ze zich bevrijd — eten is minder geladen, beweging krijgt een positieve bedoeling en ze durft zich meer ruimte te geven.
Extra context
- Medicatie van het GLP‑1‑type werkt door hongergevoel en bloedsuikerschommelingen te verminderen; bijwerkingen zoals misselijkheid, veranderde smaak of maagklachten komen voor en kunnen voedingskeuzes beïnvloeden.
- Mijnster benadrukt dat medicatie het gedrag niet doet verdwijnen: mentale en praktische inzet blijft essentieel voor duurzaam resultaat.
Achtergrond en vervolg
Hanneke Mijnster verzamelt deze columns in het boek Gulzig (verschijnt in september). Ze schrijft lange tijd over persoonlijke thema’s en combineert in dit stuk medische ervaring met psychologische inzichten: gewichtsverlies is zowel biochemisch als emotioneel werk.