Een ijskoude les voor premier Jetten: Paus Leo XIV sloopt de totalitaire arrogantie van de moderne controlestaat in historisch parlementair adres

woensdag, 10 juni 2026 (13:06) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Paus Leo XIV heeft in een scherp betoog voor het Spaanse parlement (Madrid, 2026) hard uitgehaald naar wat hij zag als de groeiende macht van technocratische elites en controlestaten in het Westen. Volgens de paus mag de staat niet naar eigen inzicht morele normen herschrijven of fundamentele rechten aantasten: menselijke waardigheid is volgens hem onvervreemdbaar en staat boven staatsmacht en wisselende meerderheidsopvattingen. Een rechtvaardige samenleving moet volgens hem altijd uitgaan van die onschendbare waardigheid.

Een belangrijk deel van de toespraak richtte zich tegen wat hij noemde de “weggooicultuur”: een tendens om de waarde van mensen af te meten aan nut, gezondheid of economische productiviteit. De paus betoogde dat de bescherming van leven, van conceptie tot natuurlijk einde, geen politiek debatpunt maar een beschavingsvraagstuk is; samenlevingen die kwetsbaren zoals ongeborenen, ouderen en zieken marginaliseren, verliezen volgens hem hun rechtvaardigheidsgrondslag. Hij waarschuwde dat wetten hun diepste betekenis verliezen wanneer ze niet langer primair dienen om elk individu te beschermen.

Daarnaast bekritiseerde de paus de rol van technologie en algoritmes in het modern bestuur. Technologie is volgens hem niet neutraal: ze weerspiegelt de belangen van wie haar ontwerpen, financiert en inzet. De wet moet daarom fungeren als schild tegen technocratische agenda’s en digitale controle die de menselijke maat uit het oog verliezen. Wanneer wetgeving instrumenteel wordt voor specifieke belangen van overheden of grote bedrijven, dreigt volgens hem een systematische inperking van burgerlijke vrijheden.

Het artikel spat die pauselijke kritiek direct door naar de Nederlandse politiek. Auteur en publicatie gebruiken het betoog als pamflet tegen het kabinet onder premier Rob Jetten, verwijzend naar VVD, CDA en D66 als de “onderhandelende partijen” die beleid voeren dat haaks zou staan op de menselijke natuur en fundamentele vrijheden. De pauselijke uitspraken worden gepresenteerd als een morele veroordeling van klimaat-, stikstof- en andere reguleringen die burgers volgens de schrijver zouden reduceren tot cijfers in modellen en ten bate van “groene en globalistische” belangen.

Tussendoor bevat het origineel ook oproepen tot steun voor de publicatie en retoriek tegen de zogenoemde media-elite en het kabinet, waarmee het duidelijk een uitgesproken politieke kleur heeft. De kernboodschap van de paus — dat wetten alleen legitiem zijn wanneer zij de waardigheid van het individu eerbiedigen en beschermen — wordt geframed als een aansporing aan politici om te stoppen met dwingen en weer te beginnen met dienen.

Context: de thematiek sluit aan bij klassieke katholieke sociale leer (waardigheid van de persoon, bescherming van het leven, terughoudendheid tegenover technocratie), maar in dit artikel wordt die boodschap scherp ingezet tegen actuele westerse beleidslijnen en specifiek tegen het Nederlandse kabinet.