Een fijne stad is ook een klimaatbestendige stad
In dit artikel:
Vincent Luyendijk, auteur van *De fijne stad*, pleit voor steden die niet alleen mooier en gezonder zijn, maar ook klimaatbestendig, sociaal en toegankelijk. Volgens hem bereik je met het idee van een ‘fijne stad’ een veel breder publiek dan met technische termen als klimaatadaptatie of biodiversiteit. Hij verzamelde voorbeelden van plekken in Nederland en daarbuiten die laten zien dat zulke steden nu al mogelijk zijn.
In zijn boek beschrijft Luyendijk vijftien bouwstenen voor een prettige stad, waaronder veilige woningen, groen, water, ruimte om te spelen en te bewegen, en sterke sociale verbindingen. Hij benadrukt dat deze thema’s binnen gemeenten vaak los van elkaar worden behandeld, terwijl ze juist samen moeten worden aangepakt. Dat vraagt volgens hem om samenwerking tussen afdelingen en om een gezamenlijke focus op “gezond en gelukkig leven”.
Als meetpunten voor een fijne stad noemt hij onder meer dat een kind zelfstandig naar school kan fietsen, dat jonge meiden zich veilig voelen in de openbare ruimte en dat zwemmen in stadswater mogelijk is. Daarbij verwijst hij naar Parijs, waar de Seine na flinke schoonmaak weer zwemwater is geworden, als voorbeeld van wat ook andere steden kunnen nastreven.
Luyendijk noemt ook Brabantse voorbeelden, zoals Breda, waar met Breda Stad in een Park en de herinrichting van de Nieuwe Mark meer groen en water terugkeren in de stad. In Eindhoven wordt water beter bereikbaar gemaakt met trapjes naar de kade. Daarnaast wijst hij op burgerinitiatieven in onder meer Teteringen, Apeldoorn en Tiel, waar bewoners samen met de gemeente parken, moestuinen en een vlindertuin ontwikkelden.
Volgens Luyendijk draait het uiteindelijk om vertrouwen: gemeenten moeten bewoners ruimte geven en hun ideeën serieus nemen. Een fijne stad is voor hem een stad die uitnodigt in plaats van verbiedt, en die goed is voor mens én dier.
Vandaag Inside: Open sollicitatie In de Wandelgangen? 'Dan kunnen ze beter mij bij ESPN neerzetten!'