Eddy Terstall: de meesten klappen comfortabel mee met de macht van het moment, Pieter Omtzigt, Khadija Arib en Renske Leijten zijn wel moedig
In dit artikel:
Pieter Omtzigt heeft besloten om uit de politiek te stappen, een keuze die door velen als een groot verlies wordt gezien. Omtzigt, bekend om zijn onvermoeibare inzet en het oppakken van ingewikkelde dossiers, liep tegen fysieke en psychologische grenzen aan door de zware last die hij zichzelf oplegde. Zijn vasthoudendheid was vaak noodzakelijk om misstanden aan het licht te brengen, zoals bij zijn rol als speciaal rapporteur van de Raad van Europa in de moordzaak rond Maltese journaliste Daphne Caruana Galizia, die werd vermoord vanwege haar kritiek op politieke corruptie in Malta. Ook toonde hij moed door corruptie binnen autoritaire regimes aan te pakken, zoals in Azerbeidzjan.
Naast Omtzigt verdwenen ook andere moedige stemmen uit de Haagse politiek, waaronder Renske Leijten en kamervoorzitter Khadija Arib. Arib werd zelfs het slachtoffer van een gecoördineerde ondermijning, vermoedelijk met medewerking van belanghebbende netwerken en media, zonder dat zij ooit publiekelijk erkenning of excuus kreeg. Deze politici kozen ervoor hun nek uit te steken om gerechtigheid na te streven, onder meer voor gedupeerde toeslagenouders, ondanks de carrière- en persoonlijke risico’s die daarmee gepaard gingen.
De vertrekkende politici benadrukken hoe zeldzaam moed is binnen het publieke domein. Veel anderen geven er de voorkeur aan om mee te waaien met de heersende machten, wat carrièretechnisch verstandiger lijkt maar inhoudelijk minder waardevol is. Omtzigt, Leijten en Arib vormden juist het toonbeeld van morele ambitie en gewetensvolle politiek, waar slechts enkelen toe in staat zijn. Hun vertrek illustreert de schrijnende kloof tussen moedige, principiële politiek en het gemak waarmee de meerderheid meebuigt met de gevestigde orde.