Duncan Stutterheim: 'Ik woonde in Landsmeer, dat was weer anders dan Noord, wij werden gezien als boertjes - meisjes in Zuid waren mooier'

zondag, 24 mei 2026 (08:31) - Het Parool

In dit artikel:

Duncan Stutterheim vertelt vanuit de achttiende verdieping van de A’DAM Toren over zijn band met Amsterdam: van opgroeien in Landsmeer en Noord tot wereldwijde roem met dance-imperium ID&T en later vastgoedinvesterend ondernemer. Geboren in Purmerend en opgegroeid in een rijtjeshuis in Landsmeer, voelde hij zich als jongere vaak buitenstaander ten opzichte van stadsgenoten; uitgaan gebeurde toen nog in het centrum, en Noord had een ruiger imago. Zijn vader Cor, die later directeur werd van het softwarebedrijf CMG, gaf hem één belangrijke raad mee: ga nooit voor een baas werken — die ondernemersmentaliteit tekende zijn loopbaan.

In 1992 richtte Stutterheim met vrienden ID&T op. Wat begon als kleine feestjes groeide in korte tijd uit tot grootschalige events (bijvoorbeeld een eindejaarsfeest in de Jaarbeurs dat bijna 15.000 bezoekers trok) en zette Nederlandse dance op de kaart. Hij ziet Nederland en vooral Amsterdam als ideaal grondgebied voor festivals: per inwoner zijn er nergens zo veel festivals, en het taalvrije karakter van housemuziek maakt het internationaal makkelijk inzetbaar.

School liep minder voorspoedig: acht jaar op het Waterlant College zonder diploma. Toch leidde dat niet tot stilstand; ondernemerschap en praktische ervaring brachten succes. Rond zijn 43e voelde hij aan dat het tijd was voor iets anders dan ID&T. Na het organiseren van perfect verlopen maar emotioneel vlakke uitverkochte shows verhuisde hij van de dansvloer naar vastgoed: samen met partners won hij een gemeentelijke prijsvraag voor de lange leegstaande A’DAM Toren, een investering met culturele ambitie. Sindsdien breidde hij zijn portefeuille onder meer uit met de Westergasfabriek.

De A’DAM Toren stond in 2025 in het middelpunt van een politieke en culturele controverse nadat in The Loft twee edities van het Joodse feest We Will Dance Again plaatsvonden en later optredens tijdens ADE gecanceld werden. Stutterheim zegt dat de locatie neutraal wil blijven; een feest met Israëlische vlaggen werd verbonden aan de aanslagen van 7 oktober, waarna artiesten en publiek polariseerden. Hij noemt de discussie ingewikkeld en pijnlijk: de toren biedt ruimte voor Joodse evenementen, maar wil geen politiek getinte programmering.

Dit jaar trad Stutterheim toe tot de raad van commissarissen van Ajax, een rol die hem veel inzicht geeft maar die hem ook verplicht tot strikte geheimhouding. Privé woont hij aan de Herengracht bij de Jordaan; hij waardeert de nabijheid van voorzieningen en ziet hoe de stadsdelen zich ontwikkeld hebben tot eigen culinaire en uitgaansplekken.

Persoonlijk blijft het verlies van zijn broer Miles, die in 2000 verongelukte, een wezenlijk element. De plek bij de boom op de Europaboulevard is voor hem beladen — eerst een bron van verdriet, later een plek van herinnering die hij en zijn familie blijven eren.

Samenvattend ziet Stutterheim Amsterdam nog steeds als “een coole stad”: een kleine wereldmotor waar cultuur, festivals en internationale uitstraling samenkomen, maar ook een plek waar identiteit, snelle veranderingen en politieke gevoeligheden regelmatig botsen.