Duitsland erkent dat de energietransitie een grote ramp is
In dit artikel:
Friedrich Merz, de CDU-leider van Duitsland, heeft in een recente toespraak erkend dat de gedwongen energietransitie heeft geleid tot een forse lastenverzwaring voor Duitse huishoudens en bedrijven. Volgens het artikel betaalt Duitsland daardoor een van de hoogste energierekeningen in Europa; Nederland zou daar volgens de schrijver zelfs nog bovenuit steken. Als oorzaken worden opgesomd: het stilleggen van kerncentrales, de vernieling van de Nord Stream-pijpleiding, sancties op Russische olie en de afhankelijkheid van duur lng uit het Midden-Oosten en de VS — factoren die volgens de auteur de concurrentiepositie van de Duitse industrie ondermijnen.
Voor Nederland wijst het stuk op aanvullende beleidskeuzes: het snel afbouwen van de eigen gaswinning in Groningen (met het vullen van putten met beton), het sluiten van kolencentrales en het vervangen van kolen door voornamelijk biomassa, wat volgens de tekst meer CO2 uitstoot oplevert. Daarnaast worden naar verluidt zeer hoge energiebelastingen genoemd — circa 2,5 keer hoger dan in Duitsland — als extra reden voor hoge kosten voor consumenten.
De schrijver noemt Rob Jetten als aankomend minister-president en betoogt dat hij mede-verantwoordelijk is voor de Nederlandse situatie en die zou moeten herstellen. De NOS wordt bekritiseerd omdat die volgens de auteur een tegenovergestelde analyse presenteert, waarin het gebrek aan alternatieven nu extra investeringen zou rechtvaardigen. Kortom: het artikel stelt dat jarenlange energiepolitiek en geopolitieke ingrepen geleid hebben tot onbetaalbare energiekosten en verzwakte industrie in beide landen.