Duitse deelstaatverkiezingen: AfD wint, CDU verdwijnt
In dit artikel:
De radicaal-rechtse AfD is bij de deelstaatverkiezingen in Mecklenburg-Voor-Pommeren met 38,2 procent overtuigend de grootste partij geworden. De partij verdubbelde haar resultaat van 2021, toen ze 16,7 procent behaalde. De SPD van minister-president Manuela Schwesig werd tweede met 35,5 procent. Die Linke en de Groenen haalden respectievelijk 6,5 en 5,7 procent.
De uitslag is een historische nederlaag voor de CDU van bondskanselier Friedrich Merz. De partij kreeg slechts 4,9 procent, tegen 13,3 procent in 2021, en bleef daarmee voor het eerst bij een deelstaatverkiezing onder de kiesdrempel van vijf procent. Daardoor krijgt de CDU geen zetels in het parlement, dat minimaal 71 zetels telt. Ongeveer 1,3 miljoen inwoners konden stemmen.
De AfD zal naar verwachting niet gaan regeren. Vrijwel alle partijen hebben samenwerking uitgesloten en het mogelijke bondgenoot BSW bleef met 4,8 procent eveneens buiten het parlement. SPD, Die Linke en de Groenen beschikken samen wel over een meerderheid.
Ook in Berlijn vonden verkiezingen plaats. Daar werd Die Linke met 25,7 procent voor het eerst de grootste, terwijl de CDU terugviel naar 18,8 procent. De AfD haalde er 16,3 procent. De resultaten bevestigen de groeiende onvrede over de stagnerende economie en hoge prijzen, vooral in het oosten van Duitsland.
Voor Merz vergroten de uitslagen de druk. Hij noemde het resultaat een ramp, maar wil aanblijven als bondskanselier en CDU-leider. Zijn positie hangt mede af van de hervormingsagenda met coalitiepartner SPD, die de uitslag aangrijpt om onder meer de pensioenplannen te heroverwegen.
Vandaag Inside: René van der Gijp reageert op uitspraak Xavi: 'Dat is gelul!'