Ds. Jan van Venray (1541-1626) zwierf tussen Nederland en Duitsland
In dit artikel:
Vier eeuwen na zijn overlijden blijkt Jan van Venray een rusteloze en invloedrijke overgangsfiguur uit de Nederlandse Reformatie. Hij begon in 1565 als kapelaan van de Sint-Stevenskerk in Nijmegen, maar raakte al snel bekend als iemand die kritiek had op de mis, heiligenverering en relikwieën. Zijn aarzelende optreden bij een ceremonie rond de arm van Sint-Stefanus maakte duidelijk hoe weinig overtuiging hij nog had in de oude katholieke praktijk. Dat leidde ertoe dat Nijmegen hem aanbeval voor een nieuwe functie in Zaltbommel, waar hij de eerste protestantse prediker van de Sint-Maartenskerk werd.
Zijn loopbaan speelde zich af in een tijd van religieuze onrust en politieke repressie. Van Venray bezocht hagenpreken rond ’s-Hertogenbosch en Hedel, maar was volgens tijdgenoten eerder zoekend dan fanatiek. Toen de stadsbestuurders van Zaltbommel hem maande bij het katholicisme te blijven, reageerde hij principieel: hij erkende een hogere macht dan koning Filips II. Na de komst van Alva en strengere vervolgingen vluchtte hij in 1567 naar de Palts in Duitsland. Daar diende hij een gemeente in Groß Winternheim.
Later keerde hij meerdere keren terug naar Nederland. In 1572 preekte hij opnieuw in Zaltbommel, in 1578 werd hij predikant in Nijmegen en speelde hij een actieve rol in de Gelderse synoden als bestuurder en organisator. Zijn positie bleef echter precair: na de Spaanse inname van Nijmegen in 1585 werd hij verdreven. Waarschijnlijk werkte hij daarna ook nog in Kaub en Goch, in een gebied dat zwaar werd getroffen door de Dertigjarige Oorlog. Pas op hoge leeftijd keerde hij terug naar Nijmegen, maar een nieuwe aanstelling kreeg hij daar niet meer. Uiteindelijk sloot hij zijn leven af in Zaltbommel, waar hij rond 1 augustus 1626 overleed en volgens bronnen gold als een van de beste predikanten van de gemeente.
Vandaag Inside Oranje: Dit strijken de scheidsrechter en de VAR op tijdens het WK