Dronegeneraal Van Strythem in polepositie om nummer 2 van Defensie te worden

maandag, 4 mei 2026 (05:35) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Luitenant-generaal Michel Van Strythem staat naar verwachting vandaag officieel benoemd te worden tot Vicechef Defensie, de nummer twee binnen het Belgische ministerie van Defensie. Zijn komst volgt op het pensioen van luitenant-generaal Goetynck en valt binnen de gebruikelijke tweejaarlijkse wissel aan de top van de krijgsmacht, wanneer opperofficieren worden vervangen, verplaatst of nieuwe functies ontstaan.

Van Strythem is een insider uit de militaire inlichtingendienst en was nauw betrokken bij de oprichting van de Cybercomponent. Minister Theo Francken bestempelde hem vorig jaar als verantwoordelijk voor de modernisering van Defensie richting 21e-eeuwse technologieën—daarom kreeg hij in de wandelgangen de bijnaam ‘dronegeneraal’. Hij wordt gezien als efficiënt en toekomstgericht en vult het topduo aan met CHOD Frederik Vansina: beide vormen een taalkundig en dienst-gebalanceerd paar (Van Strythem Franstalig, Vansina Nederlandstalig en afkomstig van de luchtmacht).

Een andere serieuze kandidaat was luitenant-generaal Thierry Esser, hoofd van de cruciale personeelsdienst van Defensie. Esser brengt operationele landmachtervaring mee en staat bekend om zijn bereidheid om het hogere commando tegen te spreken wanneer nodig, wat hem zowel steun als wrijving heeft opgeleverd.

De selectie van opperofficieren is een complexe puzzel. Naast loopbaan, diploma’s (vaak de hogere stafcursus aan het Koninklijk Hoger Instituut voor Defensie) en evaluaties, spelen taal, achtergrond binnen Defensie en soms politieke gevoeligheden een rol. Benoemingen worden formeel bekrachtigd door de ministerraad op voorstel van de minister van Defensie, meestal in een grotere “generaalsronde”.

Opvallend blijft de afwezigheid van vrouwen op het niveau van luitenant-generaal: in vijftig jaar dat vrouwen bij Defensie zijn, heeft nog geen enkele de derde ster behaald. Vrouwen vormen momenteel iets meer dan tien procent van de organisatie en worden bij promoties vaak naar onderwijs- of medische departementen geplaatst, terwijl de ‘hardere’ operationele posten zelden in aanmerking komen. An-Roos De Potter, huidig generaal-majoor en commandant van de Koninklijke Militaire School, zou formeel in aanmerking komen voor een derde ster, maar haar onwil om van departement te veranderen verkleint die kans. Brigade-generaal Katrien D’Herdt, met veel operationele ervaring, wordt genoemd als mogelijke promovenda tot generaal-majoor.

Tegelijkertijd dwingen overgangsmaatregelen in de pensioenhervorming veel officieren tot een keuze: promotie accepteren en langer blijven werken, of een kans laten liggen en eerder met pensioen gaan. Die dynamiek beïnvloedt wie opklimt binnen de hogere gelederen van Defensie.