Drie boeken voor vijf euro: ik kon alles kopen, maar ik deed het niet
In dit artikel:
In de Kinkerbuurt is al decennia lang tweedehandsboekwinkel Sterre der Zee een vertrouwd gezicht; sinds kort staat de handel er echter letterlijk op straat in bananendozen nadat eigenaar Jan van Eijk is overleden. Tientallen titels – van Kaspar Hauser en Suske en Wiske tot Krishnamurti, Guust Flater en een Madonna-biografie – liggen in het zonlicht terwijl voorbijgangers vredig bladeren; een vrouw van rond de tachtig leest er verdiept in Erica Jongs Het ritsloze nummer.
De columniste gebruikt de scène als opstapje voor een persoonlijke terugblik op haar leesgeschiedenis: als kind muisde ze door de boekenkast van haar ouders, werd op haar twaalfde lid van de volwassenbibliotheek en raakte in haar tienerjaren verslingerd aan tweedehands pockets omdat ze weinig geld had. Ze herinnert zich ook het staan-lezen in boekhandels, wat haar een gewoonte van haastig, gulzig doorlezen opleverde die ze nog steeds heeft.
Tegenwoordig, schrijft ze, laat ze de kisten bij Sterre der Zee ongemoeid. In de stad staan overal gratis openbare boekenkastjes waar ze al honderden boeken uit heeft gehaald; thuis stapelen de vondsten zich op in Billy-kasten, ongelezen. Dat gemak en de overvloed aan gratis ruilmogelijkheden vormen een stille concurrent van kleine tweedehandszaken en dragen bij aan hun onzeker voortbestaan.
Kortom: de dood van een boekhandelaar maakt zichtbaar wat al langer speelt — een veranderende lezerscultuur, financiële en logistieke redenen waarom mensen vaker gratis ruilen dan kopen, en het verlies van intieme, chaotische boekwinkels die niet alleen handelaren maar ook gemeenschappelijke leesgeheugenhuizen zijn. De schrijfster betreurt die ontwikkeling en legt uit waarom deze winkeltjes, ondanks hun schatten in bananendozen, steeds moeilijker kunnen overleven.