Door Nederland geschonken "Spook van het Zuiden" haalt ruim 120 Russische drones uit de lucht

maandag, 4 mei 2026 (07:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

In Zuid-Oekraïne bestrijdt een klein vrijwilligersteam Russische verkennings- en kamikazedrones met een onverwacht wapen: een zestig jaar oude Yak-52-trainer. De bemanning opereert onder schuilnamen — ‘Maestro’ (57), de ervaren piloot, en ‘Ninja’ (38), de boordschutter — en toont video’s waarin ze Shahed‑kamikaze’s en Orlan-verkenners weten te neutraliseren, soms zelfs door een drone met de vleugel te rammen of met een jachtgeweer neer te schieten.

Het toestel heeft een Nederlands tintje: het werd vorig jaar door de stichting Protect Ukraine in het Verenigd Koninkrijk gekocht en aan Oekraïense bemanningen geschonken; het logo staat nog op vleugel en staart. De stichting overweegt meer Yaks te kopen omdat ze relatief goedkoop en effectief blijken. Tweedehands Yak-52’s kosten volgens betrokkenen tussen de 60.000 en 90.000 euro — aanzienlijk minder dan veel van de doelwitten — en hun lage snelheid en hoge wendbaarheid maken ze volgens de piloten juist geschikt om kleine, trage drones te achtervolgen.

De inzet van de Yak‑52 als antidronewapen gaat terug op initiatief van kolonel Konstantin Oborin, voorzitter van de luchtvaartclub van Odessa, die de tactieken ontwikkelde om deze eenvoudige toestellen tegen drones in te zetten. Oborin kwam in juli 2024 om het leven bij een Russische raketaanval op een hangar; zijn methodes worden nog steeds gebruikt. Maestro en Ninja zeggen inmiddels ongeveer 120 Shaheds, Gerans en andere Russische drones te hebben neergehaald. Zij zien hun Yaks als de tweede verdedigingslinie: achter snelle onderscheppingsdrones, maar bovenop grondteams die vijandelijke toestellen met machinegeweren proberen te stoppen.

Tegenwoordig werken de piloten met betere boordapparatuur en grondcoördinatie, maar bureaucratie belemmert opschaling en technische aanpassingen. Na de overdracht door Protect Ukraine stond het vliegtuig maandenlang aan de grond door administratieve rompslomp, en noodzakelijke verbeteringen verlopen traag. Daarom kijken zij ook naar grotere of langere‑blijvende platforms, zoals de tweemotorige Antonov‑28 die door vrijwilligers is omgebouwd en uitgerust met een zesloopmachinegeweer en experimenten met onderscheppingsdrones onder de vleugel.

Ondanks beperkingen blijven de vrijwilligers vliegen zolang nodig: elke neergehaalde drone betekent minder risico voor burgers en infrastructuur. Tegelijkertijd rust Rusland niet — ook daar verschijnen Yak‑52’s in anti‑dronerollen — wat het conflict in de lucht boven Oekraïne een steeds meer improviserende en asymmetrische uitstraling geeft.