Door Nederland geschonken 'Spook van het Zuiden' haalt ruim 120 Russische drones uit de lucht
In dit artikel:
In het zuiden van Oekraïne worden Russische verkennings- en kamikazedrones met onverwachte middelen bestreden: een zestig jaar oude Yak-52, een enkelmotorig trainingsvliegtuig dat is omgebouwd tot antidronejager. Twee bemanningsleden, bekend onder de schuilnamen “Maestro” (piloot) en “Ninja” (boordschutter), opereren vanuit dit toestel binnen de Oekraïense luchtmacht en zeggen tientallen Shahed- en Geran-drones te hebben neergehaald.
De Yak-52 is niet snel, maar wel uiterst wendbaar en geschikt om kleine, trage drones te achtervolgen; de vliegtijd is ongeveer anderhalf uur. Het specifieke toestel waarmee het team vliegt, werd vorig jaar aangeschaft door de Nederlandse hulporganisatie Protect Ukraine in het Verenigd Koninkrijk en aan Oekraïne gedoneerd; het logo van de stichting prijkt op vleugel en staart. Omdat gebruikte Yaks relatief goedkoop zijn — rond de 60.000–90.000 euro — ziet de stichting mogelijkheden om meer van deze vliegtuigen te leveren; in Oekraïne zelf zijn exemplaren moeilijk te vinden. Rusland zet vergelijkbare typen inmiddels ook in.
De inzet van de Yak-52 stamt grotendeels uit het initiatief van kolonel Konstantin Oborin, een ervaren piloot en voorzitter van de luchtvaartclub van Odesa, die de militaire leiding in Zuid-Oekraïne overtuigde van het concept. Oborin overleed in juli 2025 door een Russische raketaanval; zijn tactieken worden door huidige bemanningen nog steeds gebruikt. Maestro en Ninja vertellen dat het begin moeizaam was — vooral het detecteren en lokaliseren van kleine drones vroeg veel training — maar dat betere uitrusting en grondcoördinatie hun slagvaardigheid vergroot hebben.
Het team schat dat ze inmiddels ongeveer 120 vijandelijke drones hebben uitgeschakeld en beschrijft hun eenheid als een tweede verdedigingslinie: eerste linie vormen snel inzetbare onderscheppingsdrones, gevolgd door vliegtuigen en helikopters zoals de Yak, en als laatste de mobiele grondteams met machinegeweren. Tegelijkertijd klagen de bemanningsleden over trage bureaucratische procedures die overdracht, operatie en technische aanpassingen van vliegtuigen ernstig vertragen.
Als alternatief voor de Yak wensen ze zwaardere, beter uitgeruste typen — bijvoorbeeld de omgebouwde tweemotorige Antonov-28, die langer kan blijven hangen, ’s nachts inzetbaar is en met een zesloops machinegeweer is uitgerust; onder dergelijke toestellen wordt ook geëxperimenteerd met het meenemen en lanceren van onderscheppingsdrones. Ondanks beperkingen en risico’s blijven de teams doorvliegen: elke neergehaalde drone beperkt naar hun zeggen de schade aan mensen en gebouwen, en dat houdt hen gemotiveerd.