Donald Trump speelt in de Iran-oorlog de rol van de losgeslagen dolleman

woensdag, 10 juni 2026 (11:46) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

De column gebruikt de iconografie van Mad Men — reclameheld Don Draper die op het juiste moment een geniale slogan roept — om het klassieke politieke instrument van de zogenoemde "madman theory" te bespreken: het bewust overkomen als onberekenbaar of waanzinnig om tegenstanders tot toegevingen te dwingen. Historisch wordt de strategie gekoppeld aan Richard Nixon, die in de Vietnamoorlog het idee verkondigde dat het roddelbeeld van een onhoudbare, woedende leider ertoe kon brengen dat vijanden sneller naar vrede zouden smeken. Ook denkers als Machiavelli en later strategen en schrijvers (onder wie Daniel Ellsberg) hebben het fenomeen onderzocht.

De auteur plaatst Donald Trump in dat rijtje en beschrijft hoe hij in zijn tweede ambtstermijn dezelfde tactiek inzet — met uitingen van laconieke onverschilligheid, trompetterende overwinnaarsretoriek en het occasional losgeslagen "dolleman"-spel — vooral in het conflict met Iran. Recentelijk poste Trump daaropvolgend publiekelijk dat alles goed zou komen, maar die boodschap overtuigt niet iedereen. De column wijst op empirische belangstelling: een herwaardering door een Harvard-politicoloog in 2023 stelde dat feigned madness soms voordelen kan opleveren; Trumps recente beleid biedt nu veel data om die claim te toetsen.

Aan de hand van de huidige crisis met Iran (waarbij de Straat van Hormuz al ruim honderd dagen gesloten zou zijn) wordt kritisch gekeken of de tactiek werkt. Aanvankelijk leken sommige journalisten te suggereren dat Iran deels toegaf, maar dat beeld hield geen stand. De kernkritiek luidt dat intimidatie door krankzinnigheid wel tegenstanders kan afschrikken maar niet per se hun vertrouwen in een duurzame overeenkomst vergroot — zeker niet als de tactiek openlijk wordt aangekondigd. Machiavelli’s voorbehoud voeren de schrijver op: toneelmatige waanzin helpt alleen als de leider het spel beheerst en het uiteindelijke doel scherp voor ogen houdt.

De conclusie is dubbelzinnig en waarschuwend: zolang de extreme houdingen en bedreigingen onderdeel blijven van gecontroleerd spel, is er hoop op politieke winst; maar als die pose omslaat in daadwerkelijke onvoorspelbaarheid, kan dat rampzalige gevolgen hebben — en zou de theorie haar vertrouwen definitief verliezen.