Docenten kijken na met AI: slimme tijdsbesparing of risicovol?
In dit artikel:
Op tientallen middelbare scholen gebruiken docenten inmiddels AI-tools om toetsen te helpen nakijken, niet alleen voor meerkeuzevragen maar ook voor open antwoorden en zelfs handgeschreven teksten. Voorbeelden zijn ToetsTester (in gebruik op ongeveer 15 scholen) en Kwizl (nakijksoftware op circa 45 scholen). ToetsTester bestaat ongeveer een jaar; Kwizl bestaat al langer maar past de laatste jaren AI toe voor beoordeling en analyse.
Docenten ervaren praktische voordelen: AI voert een eerste schifting uit, zet handschrift om in getypte tekst en doet puntenvoorstellen, waardoor leraren naar eigen zeggen tijd overhouden voor formulering en kwaliteitscontrole. De programma’s leveren bovendien analysecijfers — vaak in Excel — waarmee goed zichtbaar wordt welke vragen slecht gemaakt worden en welke vaardigheden leerlingen missen. Leraren noemen die inzichten nuttig, omdat het snel patronen toont die bij dertig leerlingen handmatig veel werk zouden kosten.
Tegelijkertijd klinken waarschuwingen. Felienne Hermans (hoogleraar vakdidactiek informatica, VU) waarschuwt dat nakijken ook een didactische functie heeft: door zelf te corrigeren leren docenten hun leerlingen kennen en begrijpen waarom zij fouten maken. Zij betwijfelt bovendien of AI echt tijd wint als de docent uiteindelijk alles moet controleren; de komende AI-wet vereist bovendien een ‘human in the loop’. Hermans vindt AI bij open vragen risicovol, terwijl zij AI voor meerkeuze nakijken wel acceptabel acht.
Regelgeving speelt een rol: de Europese AI-wet had deze zomer regels voor hoogrisicotoepassingen (waaronder AI-nakijken) willen laten ingaan, maar de invoering is uitgesteld tot volgend jaar. Het ministerie van Onderwijs benadrukt dat volgens de AVG en de aankomende wet nakijken met AI toegestaan is, maar dat de school verantwoordelijk blijft voor beoordelingen. Cito en het College voor Toetsen en Examens wijzen erop dat beslissingen over eindexamens en nakijken bij scholen en correctoren liggen.
Praktijkaanpak verschilt: sommige leraren gebruiken AI alleen voor ongescoorde opdrachten of als hulpmiddel, anderen experimenteren nog terughoudend. Meerdere docenten roepen op tot duidelijke landelijke richtlijnen over wat mag en hoe het betrouwbaar en didactisch verantwoord ingezet kan worden.