Discussie over extreme klimaatscenario's: 'Misvatting dat rechtszaken daarover gaan'
In dit artikel:
Een internationale werkgroep stelt voor het heetste uitstootscenario uit de IPCC‑rapporten te schrappen: een wereld die tegen 2100 met circa 6 °C opwarmt zou onrealistisch zijn door dalende kosten van duurzame energie en bestaand klimaatbeleid. Tegelijkertijd wordt steeds duidelijker dat het doel van maximaal 1,5 °C in de praktijk niet meer haalbaar is.
Critici vrezen dat het weghalen van het uiterste scenario het vertrouwen in de klimaatwetenschap, het beleid en lopende rechtszaken ondermijnt. Klimaatjurist Laura Burgers (Universiteit van Amsterdam) en andere experts wijzen dat bezwaar van de hand: rechtszaken baseren zich niet op het zwartste scenario maar op het feit dat zelfs bij realistischer scenario’s ernstige klimaatschade optreedt wanneer Parijsdoelen niet gehaald worden. Het Internationaal Gerechtshof benadrukte vorige zomer ook dat de rechtmatigheid rondom klimaat vooral aan het 1,5‑gradenkader wordt afgemeten.
Het Planbureau voor de Leefomgeving (Michel den Elzen), dat meewerkt aan het jaarlijkse VN Emissions Gap Report, noemt het schrappen van het extreme scenario geen onverwachte stap: dat scenario veronderstelde geen enkel klimaatbeleid en werd in de praktijk al niet meegenomen. Het Emissions Gap Report concludeert juist dat, ook als landen hun huidige beloftes nakomen, de wereld op koers ligt voor ongeveer 2,5 °C opwarming—ruim boven de afgesproken limieten van 'ruim onder 2 °C' en bij voorkeur 1,5 °C. Daarmee blijft er een groot gat tussen beloftes en wat nodig is.
Experts benadrukken dat wetenschap en scenario’s veranderen door nieuw inzicht: het IPCC‑proces is echter traag (rapporten elke 6–7 jaar) omdat honderden onderzoekers werken en regeringen instemming moeten geven. Dat vertraagt het doorvoeren van nieuwe scenario’s in nationale klimaatmodellen. Het KNMI zegt daarom niet meteen Nederlandse klimaatscenario’s aan te passen vóór een nieuw IPCC‑rapport. KNMI‑wetenschapper Bart Verheggen wijst erop dat onzekerheden blijven en dat de recente opwarming sneller verliep dan verwacht; het 1,5‑gradenpad is in elk geval al buiten bereik.
Kort: het verdwijnen van het absolute doemscenario verandert weinig aan de kernboodschap: huidige beleidsinspanning volstaan niet om de Parijsdoelen te halen, en juridische en beleidsdebatten blijven gericht op de ernstige gevolgen als 1,5 of 2 °C niet worden bereikt.