Dinosaurus met meterslange stekels ontdekt in Marokko: "De punkrocker van zijn tijd"
In dit artikel:
In het Atlasgebergte bij Boulemane (Marokko) hebben onderzoekers fossielen geborgen van een ongebruikelijk gepantserde dinosauriër: Spicomellus afer. De resten — gevonden door een lokale boer in 2022 en beschreven in Nature (27 augustus 2025) — behoren tot een dier dat ongeveer 165 miljoen jaar geleden leefde in het Jura. Volgens de wetenschappers is dit het oudste bekende lid van de ankylosauriërgroep, de vierpotige, plantenetende dinosauriërs met bepantsering.
Wat Spicomellus onderscheidt is de extreme en unieke bepantsering: op elke rib zat een rij lange, scherpe stekels die direct aan het bot vergroeid waren — een bouw die volgens de onderzoekers bij geen enkel ander levend of uitgestorven dier is aangetroffen. Rond de nek staken meterslange stekels uit die als een kraag fungeerden; één opgegraven stekel mat 86 cm en was mogelijk nog langer in leven. De vondst omvatte ook een bekkenschild en twee grote uitsteeksels boven de heupen, en vergroeide staartwervels die duiden op een mogelijk wapen aan het staartuiteinde (denk aan een knots of stekels).
Grootte- en gewichtsschattingen zijn onzeker door het beperkte materiaal, maar de onderzoekers plaatsen Spicomellus op ongeveer 4 meter lengte, 1 meter schofthoogte en circa 2 ton. De combinatie van vormen is zo afwijkend dat hoofdonderzoeker Susannah Maidment spreekt van “echt vreemde stekels” en mede-onderzoeker Richard Butler het dier omschrijft als “de punkrocker van zijn tijd”; Butler noemde de vondst een van de vreemdste dinosaurussen ooit.
De ontdekking heeft grote implicaties voor de evolutionaire geschiedenis van ankylosauriërs. Tot nu toe werd aangenomen dat hun bepantsering geleidelijk groeide van kleine platen in vroegere vormen naar uitgebreidere bescherming in het Laat-Krijt, toen grote roofdieren zoals Tyrannosaurus verschenen. Spicomellus, echter, toont al in het Jura een volkomen uitgewerkt en extreem stekelig pantser. Dat leidt de onderzoekers te overwegen dat uitgebreide bepantsering mogelijk vroeg in de groep ontstond en later vereenvoudigde — misschien doordat functionele verdediging belangrijker werd dan pronken toen roofdieren groter werden.
De auteurs speculeren bovendien dat de opvallende, onhandige stekels rond de nek oorspronkelijk bedoeld konden zijn voor vertoning (bijvoorbeeld bij paring of soortgenootconflicten) in plaats van louter defensie. Daardoor werpt Spicomellus nieuw licht op hoe en waarom verdedigingstechnieken bij dinosauriërs zijn ontstaan en veranderden door de tijd.